Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 349
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
Nu knjgt hij van Elisabeth de wind van voren „Lieve Juul' Soms heb ik
zware dingen tegen u Hebt ge het met verwacht en zijt ge er verbaasd over''
Het mag wel zijn maar als ge het mogelijk met voelt zal ik trachten u te
overtuigen van uw schuld Graag wil ik gelooven dat gij een heel ander
temperament hebt dan ik maar Ik stel mij voor in uwe plaats Nog
geen drie jaar onder een geheel van God en Zijne dienst onbekende
volksstam werkzaam wiens taal enz ge met kendet en nu reeds hebt ge een
man mogen dopen Nu de eerste er over heen is, dit wonder voor uw
oogen geschied, kunt ge toch met zekerheid weten, vertrouwen dit is van
God Slechte Juul' wilt ge nu nog ontkennen dat ge het vermogen mist
om hef ie. hebben met een gloeiende brandende liefde'' Neen, ik ben over-
tuigd en dat moogt ge met tegenspreken dat op den dag van den doop gij
een gloed, een geluk hebt gevoeld met geen pen te beschrijven en vraagt ge
voortaan nog aan arme Lijs, die zoover ten achter staat in al deze dingen,
hoe men kan hefhebben, hoe men moet hefhebben, hoor eens met veel
dingen heb ik vrede en laat mij die maar stil aanleunen, maar hiermee niet"
(18-9-82)
Julius accepteert het standje met gratie „wel komaan bruidje, ge begint
te durven, neen maar ik stong er heuschig van versteld, dat is me eerst een
brief die op pooten staat die van de 18en herfstmaand Hartelijk dank hoor,
vooral dat ge er bij schrijft dat ge, trots al zijn ongerechtigheden uwen
ouden Bruigom met zult verlaten Eigenlijk heb ik op uw gansche ont of
w//boezeming mets te schrijven dan waar, volkomen waai Lijs, alleen maar
over het stuk van de liefde ge moet het met mooier maken dan 't is, want
de eenvoudige waarheid is veel treffender Een man die van Jezus hoort en
begint te gelooven dat die hem beter zal helpen dan al zijn tooverspreuken
enz , die begint in te zien dat hij een zondaar is en verzoening behoeft en
dat schapen en stierenbloed hem met baat ^^ En nu uit eigen beweging,
zonder door meneer aangespoord te zijn of iets, al zijn pruUenboel over
boord gooit en begint te bidden hoe gebrekkig dan ook in geest en waar-
heid — Zie dat is de eenvoudige werkelijkheid En dat deed met mijn
brandende liefde, maar het eenvoudig tweesnijdende woord Gods Wel
zeker bad ik voor hem, maar slechts in den laatsten tijd meer dan voor een
ander — Als ge wilt dan is dit pure verkiezing Gods maar naar ik hoop om
door hem anderen te helpen Ge ziet dat ik volstrekt met Gods zegen wil
miskennen, maar verlang dat ik minder gauw voldaan, nederiger en met
een warmer hart hier mag zijn Ik wou dit volk kunnen liefknjgen zoo dat
ik met verlangen kon om ooit weer weg te gaan en nu — Dat is het meerdere
dat ik wil —" (31-10-82) En in deze zelfde brief komt het idee op „Stel, als
ik zoo iets mag stellen in allen eerbied, dat God mij het weten, 't is nu
genoeg Juul, gij kunt gaan, Ik zal voor Mas Ebin en zijn Madoerezen wel
verder zorgen, uw taak is afgedaan — veronderstel dat zoo iets gebeurde of
gebeuren kon, meent ge dan heusch dat ik treurig zou zijn of schreien
integendeel ik zou zeer dankbaar en blij zijn dat ik van de taak ontslagen
was en afgemonsterd zooals ze aan boord zeggen" (31-10-82)
333
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's