Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 129

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 129

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

3 minuten leestijd

DE J U R I D I S C H E F A C U L T E I T (1880-1980)

eisen hoog waren, vasthield. In de gezellige omgang met hen lag bij alle vriende-

lijkheid niet zijn kracht. Van wat ver buiten zijn wetenschappelijke arbeid ver-

wijderde terreinen hield hij zich ook op een afstand vanuit idealisme, niet op enig

zakelijk profijt bedacht. Slechts aan de door hem mede opgerichte Protestants

Christelijke Reclasseringsvereniging besteedde hij aandacht, de jaarvergaderin-

gen met beschouwingen van niveau openend. In latere jaren vond hij afleiding in

het voorzitterschap van het bestuur van het Juliana Ziekenhuis en binnen de

Koninklijke Academie voelde hij zich als lid en — eigenaardig genoeg voor wie

hem niet zo goed kenden — als secretaris zeer op zijn gemak. Als het moest was hij

bij alle soms gecultiveerde naïviteit — in gezelschap een kostbaar glas brekend

verklaarde hij geruststellend: dat is niet erg — plotseling een reëel man, die

beleidvol manoeuvreerde. Deze laatste gave had hij wel nodig. Rotsvast overtuigd

als hij was van de juistheid zijner inzichten en anderen, ook geestverwanten,

krachtig bestrijdend heeft hij zelf aanvankelijk heel wat verzet gevonden. Wan-

neer het hem geviel trok hij zich van niemand en niets het geringste aan. Tijdens de

oorlog had hij een onderduikster wier uiterlijk zonneklaar de afkomst openbaarde

in huis. Zijn grote afleiding en zeker meer dan dat was de muziek, waarbij hij zich

in zijn voorkeur door Mengelberg heeft laten leiden. Tegen het einde van zijn

leven — eerder was de dood van zijn vrouw een zware slag — leek hij — goed

verzorgd en van zijn kinderen genietend — aan mildheid gewonnen te hebben.

Hem stond voor ogen om de lijnen van Kuyper door te trekken, een wetenschap,

en nader: een rechtswetenschap, te bieden geheel doordacht vanuit het calvinisme

als alomvattend christelijke levens- en wereldbeschouwing, die geloven en denken,

religie en wetenschap verenigde. Niet zonder uitwisseling van gedachten met zijn

in hetzelfde jaar hoogleraar in de wijsbegeerte geworden zwager D.Th. Vollen-

hoven maar toch stellig zelfstandig en veel meer origineel wilde Dooyeweerd

vanuit een verbinding tussen woordopenbaring en niet-autonoom door religieuze

motieven beheerst wetenschappelijk denken de in de scheppingsorde besloten

organische samenhang van alle door de souvereiniteit zowel als door de univer-

saliteit in eigen kring beheerste levensgebieden blootleggen. Hij onderscheidde

uiteindelijk het systeem openhoudend een 14-tal aspecten die in een onomkeer-

bare reeks opklommen, elk een eigen onherleidbare zinkern naar wets- en sub-

jectzijde bezaten en door de kosmische tijdsorde werden omspannen. Tevens werd

een leer van ding- en verbandsstructuren ontwikkeld. De aandacht ging uit zowel

naar de individuele opbouw van het in de werkelijkheid aangetroffene, als naar de

collectiviteiten in de menselijke samenleving. Naar zich laat verstaan werden over

de mens zelf, geroepen tot de dienst van God met het gehele hart, heel wat

anthropologische beschouwingen geboden.

Met behulp van een uitvoerig begrippenapparaat gaf Dooyeweerd rekenschap

over de grondslagen van het gehele stelsel, dat zich noch in enig tot dusver

aangetroffen Europees denken in het algemeen voegde noch bij gangbare

rooms-katholieke of protestantse opvattingen in het bijzonder het onderbrengen.

Er is op gewezen dat Dooyeweerd een minstens gelijkwaardige tegenhanger van

125

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's