Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 277

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 277

2 minuten leestijd

huidige gebouw, maatschappelijk bezien, verborgen zijn,

en helpen die aan het licht te brengen. Dat geldt bepaald

niet alleen voor de studie van de ontwikkelingslanden,

maar zeer duidelijk ook voor die welke zich op onze rijke

westerse wereld richt, dat wil zeggen, voor de westerse

economie, sociologie en geografie. Het zou namelijk veel te

pretentieus zijn om een koppeling tussen doelstelling en

studie van ontwikkelingslanden zó eenzijdig te leggen,

alsof onze „sociëteit" géén architectonische kritiek zou

behoeven. Die architectonische kritiek is — ook nu — bij

ons noodzakelijk. Ze houdt juist ook verband met de

verhouding van de rijke met de arme landen.

Er zijn auteurs die stellen dat de problematiek van de

ontwikkelingslanden in de rijke landen opgelost moet

worden, omdat deze vóór alles voortvloeit uit centrum-pe-

riferie-verhoudingen, uit de verhoudingen die wij met de

ontwikkelingslanden hebben, en het begrip uitbuiting

komt dan naar voren. Dat is voor mij als enige invalshoek

te eenzijdig, maar wel is het zo dat wij momenteel nog

steeds geconfronteerd worden met een tweedeling in de

wereld, waarin de welvaartsverschillen nog steeds toene-

men. En deze eenvoudige constatering kan je ertoe bren-

gen je zeer serieus en zeer intensief te bezinnen op de vraag

hoe in één wereld de technische vooruitgang, die bij ons de

welvaart heeft gebracht, dit bij grote groepen mensen in

het overgrote deel van de wereld in het geheel niét heeft

gedaan, en dat zij er soms juist veel meer schade van

hebben ondervonden. En als vervolgvraag hoe je vanuit de

wetenschap mogelijkheden tot veranderingen zou kunnen

aangeven.

Zulk een bezinning vloeit niet voort vanuit een „filantro-

pisch", charitatief standpunt, maar vanuit — in de woor-

den van Kuyper — een sociaal uitgangspunt. Op zich zal

zulk een uitgangspunt voor het werk aan alle universiteiten

in ons land effecten moeten hebben, maar in ieder geval

aan de V.U.! Aan de V.U. is zulks voor mij vanzelfspre-

kend en tegelijkertijd zeer pretentieus. Vanzelfsprekend,

want de boodschap, de opdracht van de bijbel is: hongeri-

gen voeden en verdrukten recht verschaffen. Tegelijkertijd

ook zeer pretentieus: willen en kunnen we dat enigerma-

te?"

Hoe groot zijn de vrijheidsmarges bij weten-

schappelijk werk in dictatoriaal geregeerde lan-

den?

273

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 277

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's