Studiedag 'VU Tussen twee VU-ren' - pagina 103
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
- 83 -
de Vrije Universiteit als christelijke werkgemeenschap - waardoor men eigenlijk
de uitgeslotenen niet meer, althans in hun opvattingen en arbeid, als christenen
erkent. Dit hoeft niet direct procedureel te gebeuren, maar kan vaker impliciet,^
zelfs onuitgesproken of nauwelijks bewust geschieden: de onderlinge dialoog wordt
dan ten diepste verbroken. Ten tweede wordt de grens overschreden door hen die
in hun opvattingen, zoals deze binnen de Vrije Universiteit operationeel gemaakt
worden, het christelijk-zijn van de Vrije Universiteit als doelstelling afwijzen.
Ook dit kan expliciet en impliciet geschieden. Het zal duidelijk zijn dat het zeer
moeilijk is het eerste van het tweede punt te onderscheiden en prak±isch te schei-
den.
Als beleidsaanbeveling kan op grond van het voorgaande gezegd worden, dat
a) nadere, onderlinge bezinning op hetgeen in de eerste alinea aan de orde kwam
plaats moet vinden: in hoeverre zijn verschillen van inzicht en beleid door ver-
schuivingen in het geestelijk klimaat bepaald; in hoeverre zijn een of beide der
laatstgenoemde punten in het geding? b) in hoeverre zou het mogelijk zijn, bij-
voorbeeld via het Bezinngscentrum, alle docenten in groepsverbanden voor enkele
dagen bijeen te brengen, c) welke reperkussies hebben bovengenoemde beschouwingen
op feitelijk beleid ten aanzien van de "doelstelling", benoemingen, in contact
treden met meer levensbeschouwelijk marginale groepen, ook onder studenten, binnen
de universiteit?
De verschuiving naar een meer gaandeweg formuleren van beginselen of doelstel-
lingen betekent ook dat men beter van christelijke wetenschapsbeoefening dan van
christelijke wetenschap kan spreken. Dit laatste heeft in de geschiedenis dikwijls
geleid tot het verdedigen van bepaalde wetenschappelijke inzichten op christelijke
grondslag, inzichten die al spoedig verouderd bleken. Christelijke wetenschapsbe-
oefening is dat functioneren van onderwijs en wetenschappelijk onderzoek dat zich
niet kenmerkt door een verdedigende houding. Integendeel, zulk een wetenschapsbe-
oefening plaatst elke wetenschappelijke objectiviteit (objectivering, "rationali-
teit") in een ruimer kader, waardoor wetenschap zich juist beter kan ontplooien en
niet tot een ideologische of scientistische (alles tot een bepaalde wetenschap re-
ducerende) vervalt. De consensis van christelijke wetenschappers convergeert in
ae richting van de erkenning van een uiteindelijk kriterium voor denken en handelen.
Wetenschappelijk kennen staat niet los van elk menselijk kennen; alle menselijk
kennen is betrokken op de orde, samenhang en betekenis van de verschijnselen; deze
samenhang is zelf nooit geheel wetenschappelijk te objectiveren of volledig in kaart
te brengen, maar fungeert veeleer als aandrang of motief ( bewegende kracht) om tot
inzicht, ruimer nog tot erkenning, te geraken van de zin van alle gebeuren. Hier
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 4 juni 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 368 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 4 juni 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 368 Pagina's