Studiedag 'VU Tussen twee VU-ren' - pagina 197
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
- 171 -
reeds in een beroepscode van wetenschappelijke werkers vastgesteld moeten
worden. Ook kunnen er tijdelijk grenzen worden gesteld, moratoria, zo-
lang de risico's niet kunnen worden berekend of in de hand gehouden.
Ook kunnen er, waar de mogelijkheid voor onderzoek en toepassing nu een-
maal altijd beperkt zijn, prioriteiten worden gesteld. - Maar dat alles
vergt geen 'christelijke wetenschapl. Het ligt in de aard van het weten-
schappelijk handelen zelf. Het christendom moge er enkel steeds aan
herinneren.
De enige wetenschap die hier om afzonderlijke aandacht vraagt is de
theologische. Haar positie als wetenschap is zelfs aangevochten. Behan-
deling van haar problematiek vraagt echter meer ruimte dan wij hier mogen
claimen - wij moeten er thans helaas aan voorbijgaan.
Christelijke wijsbegeerte? Met het vorige kwamen we al ruimschoots in de
systematische, wetenschaps-filosofische problematiek terecht. Of de wijs-
begeerte tot de wetenschappen moet worden gerekend dan wel een eigensoor-
tige discipline vormt, is een omstreden kwestie. Tenslotte gaat het haar
om wijsheid, de wetenschap om kennis, al is het onderscheid tussen die
twee nu ook weer niet zo makkelijk aan te geven.
Nu is de vraag naar de mogelijkheid van een christelijke wijsbegeerte
onzinnig, en wel om vier redenen: historisch is de westerse filosofie
eeuwen lang christelijk geweest; feitelijk is er een zeer actieve wijsgerige
bedrijvigheid die zich christelijke of calvinistische wijsbegeerte noemt;
het spraakgebruik kent een joodse, hindoeïstische, een marxistische en dus
ook een christelijke wijsbegeerte; en ten slotte hangt het er maar van af
hoe men 'wijsbegeerte' wil definiëren en omgrenzen, of er in zo'n definitie
plaats is voor inhoud-bepalende adjectiva.
Maar daarmee kunnen we ons er niet van afmaken. Tenslotte is wijsbegeerte
steeds weer opgetreden met voor het christelijk geloof onaanvaardbare
pretenties: systeem van absolute waarheid, heilsleer zelfs. Rationalisme
en idealisme zijnde onderscheiden systematiseringen van het vertrouwen in
de objectieve, absolute waarheidskracht van de rede. Zij hebben de opkomst
van de moderne wetenschappen mogelijk gemaakt en de westerse cultuur ge-
stalte gegeven.
Dit vertrouwen in de rede bleef niet onaangevochten. Kant schreef zijn
Kritiken. Het gezag van de rede wordt in de 19e eeuw verder ondermijnd
door 'les trois maltres du soupcon': Marx, Nietzsche, Freud (zegt Ricoeur).
De rede is een menselijk denken,is de denkende mens, en de mens is maat-
schappelijk, creatuurlijk, psychisch geconditioneerd. La condition humainel
Thévénaz kan zelfs spreken van 'la condition de la raison'. Daarom doet de
rede wijs om...niet naar wijsheid te streven, want waar de geconditioneerde
mens de wijsheid in pacht denkt te hebben, verabsoluteert hij daarin zijn
beperktheden. Contre la sagessel (Nabert). Alleen theo-sofie en anthropo-
sofie en het zogenaamde wetenschappelijke dialectisch materialisme maken
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 4 juni 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 368 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 4 juni 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 368 Pagina's