Verslag studiedag 'VU tussen twee VU-ren' - pagina 30
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
mingen en de uitoefening van passief kiesrecht voor raden en besturen. Het
onderwerp is breder geformuleerd dan dat, maar dat heeft de reserve t.o.v.
dit onderwerp niet helemaal weg kunnen nemen. Het is een van de terreinen
waarop de doelstelling een zichtbare en concrete uitwerking heeft gexregen.
Ondersteund door landelijke publiciteit heeft het beleid op dit punt - of
men het nu prettig vindt of niet, terecht of ten onrechte - grote invloed
op het Deeld van de VU dat naar buiten toe ontstaan is. Dat is een van de
redenen waarom bij een kritische beoordeling van het functioneren van de
VU hieraan niet voorbij gegaan kan worden. De uitwerking van de doelstel-
ling in de opstelling tegenover ideeën en personen is tevens van groot be-
lang voor de onderlinge verhoudingen. Ook dat onderstreept de noodzaak te
onderzoeken welke beleidsmogelijkheden hier liggen. Juist omdat het hier
gaat over mensen die dagelijks met elkaar omgaan en samenwerken, zal dat
alleen maar vruchten af kunnen werpen als het gekenmerkt wordt door duide-
lijkheid en tegelijkertijd door zorgvuldigheid en verdraagzaamheid.
Het is niet moeilijk enkele grote lijnen uit de bijdragen naar voren te
halen. Geen verschil van mening bestaat er t.a.v. de betekenis van de doel-
stelling voor de persoonlijke houding en omgang. Sleutelwoorden zijn daar-
oij aanspreekbaarheid (Ringnalda, Wijngaarden, Van Zuthem) en verdraagzaam-
heid (Diepenhorst). De meningen lopen duidelijk uiteen als het erom gaat
aan te geven hoe een en anaer op het niveau van de instelling ingevuld moet
worden. Legalistische maatregelen komen de meesten als ongeloofwaardig
voor. Daar staat tegenover de opvatting dat een universiteit met een doel-
stelling tenminste moet verlangen dat degenen die het karakter van de in-
stelling bepalen, docenten en onderzoekers voorop, instemmen met haar over-
tuiging (Diepenhorst). Van Zuthem bepleit als enige een concrete orgenisato-
rische uitwerking die aanzienlijk verder gaat dan de formele instemming die
we nu kennen (vergelijk ook Gostenbrink, Mijkamp, s.a.).
Ter inleiding van de afzonderlijke bijdragen het volgende. De reeks wordt
geopend met de bijdrage van Diepenhorst, waarin met ruimschootse verwij-
zing naar historische en andere achtergronden wordt gewezen op de noodzaak
dat een instelling die pretendeert zich aan een bepaalde doelstelling te
houden, dat dan ook moet waarmaken in haar doen en laten. Dat kan het beste
via het benoemingsbeleid en door te verzekeren dat de betroKkenen aan de
gewekte verwachtingen voldoen. Wel kunnen zich daarbij tal van problemen
voordoen. Er moet voor gewaakt worden dat men zich verliest in details. De
remedie tegen zorgelijke ontwikkelingen op dit punt wordt o.a. gezocht in
een betere, aantrekkelijker presentatie naar buiten. De vraag hoe je op te
22
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's