Verslag studiedag 'VU tussen twee VU-ren' - pagina 112
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
Noorda: Maar in hoeverre kunt u dan pleiten voor het bestaansrecht van de
VU als christelijke universiteit? Zou niet elke universiteit zich cultuur-
kritisch moeten opstellen?
Van Olst: De VU is er nu eenmaal, als een historisch gegroeide figuur,waar-
aan je verder inhoud moet geven.
Noorda: We zouden ons na de pauze kunnen bezinnen op de vraag of de doel-
stelling taakstellend gehanteerd moet worden of anders, zoals Bijlmer sug-
gereert, geen bestaansrecht heeft.
(pauze)
De RU: Ik ben teleurgesteld over het verloop van de discussie. Men springt
te pretentieus om met de doelstelling. Daardoor ontstaan gemakkelijk frus-
traties. Kunnen we niet beter spreken van een universiteit met de bijbel?
De houding van het willen luisteren naar de bijbel is erg belangrijk, bo-
vendien de inspiratie om je in je leven daardoor te laten leiden.
Daarnaast heb ik nog een vraag: Waarom moeten alleen sommigen aan de VU de
doelstelling onderschrijven? Is het niet zo dat de VU die handtekening in
principe voor alle soorten werk zou moeten vragen?
Christelijke wetenschap met een taakstellend hanteren van de doelstelling
acht ik geen haailbare kaart.
Hol: Een christelijke instelling is mijns inziens een instelling van chris-
tenen. Aan de VU lijkt dat nu heel anders: sommigen hebben niet eens res-
pect voor de doelstelling.
Fernhout: De doelstelling is te eng voor velen aan de VU, maar als uitdruk-
king van je geloof is hij te ruim. Vroeger had men nog de grondslag van ge-
reformeerde beginselen, daar vind ik mijn geloof meer in terug. De inspira-
tie ligt nu meer in een contemporain geheel, waar men het christendom bij-
haalt. Werken met de doelstelling is biddend werken, jezelf geleid weten.
Noorda: Er is een variëteit aan interpretaties van de consequenties van je
geloof in Christus, dus ook een variëteit aan mogelijkheden om de doelstel-
ling op te vatten. Zelf zie ik het consequent afzien van het gebruik van ge-
weld als een direct gevolg van mijn geloof, maar daarin vind ik weinig
christenen aan mijn kant. Is de gezamenlijke weg dan geen schijn? Dekt de
doelstelling de verschillen niet toe?
Bijlmer: Ik zie geen direct verband tussen levensovertuiging en werkver-
band. Voorzover daartoe een reële mogelijkheid bestaat, probeer ik mijn o-
vertuiging in mijn werk te verwoorden. Als anderen meer willen, steun ik
dat, maar ik hoef daarbij niet voorop te lopen.
9A
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's