Verslag studiedag 'VU tussen twee VU-ren' - pagina 75
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
voortspruit uit geloof in het Evangelie. Het gaat om een verbondenheid met,
een herkenning van die boodschap als beslissend, als een weten dat in de
weg van het Evangelie het in-relatie-treden met de Eeuwige, met God en
daarmee bevrijding en zin van mijn leven en van de wereld, te vinden zijn.
Daaraan moet nog wat worden toegevoegd. Meer dan menselijke religiositeit
is hier aan de orde. Het gaat om geloof. Dat betekent dat het om een ver-
bondenheid gaat, die ik in wezen niet wilde, om een ontmoeting die mij tot
een rigoureuze zelfidentificatie dwong, die mij totaal ontmaskerde en mijn
schone doelstellingen aan de kaak stelde als zelfzuchtig, die mij bekeert,
omkeert. Het gevolg is dat aan mijn cognitieve schema's een nieuwe dimen-
sie wordt toegevoegd, waardoor al het oude in een nieuw perspectief ver-
schijnt.
Waar anders dan hier kan de consensus liggen? De Vrije Universiteit is be-
doeld als een instelling voor wetenschappelijk onderzoek en onderwijs
waar de dragende wetenschappers hetzij vanuit deze relatie leven, hetzij
ernaar zoeken, of waarvan tenminste verwacht mag worden dat zij die
relatie in haar werkende kracht ten minste erkennen en eerbiedigen.
Het is met name deze relatie waarop men bij de onder ons gevoerde discus-
sies op de terreinen van wetenschap en maatschappij dient terug te vallen,
waarop wij elkaar moeten en mogen aanspreken. Zij is waarborg voor een-
heid in verscheidenheid.
Een universiteit als de onze komt meer en meer in een identiteitscrisis
naarmate deze concrete relatie, deze existentiële kennis minder gevonden
wordt. Ik geef hen gelijk die stellen dat de formulering van onze doelstel-
ling op zich een uiterst vage aanduiding is van datgene waar de universiteit
naar moet streven. Althans als deze relatie niet meer als wezenlijk en
concreet doorleefd wordt.
Soms bekruipt mij het gevoel dat - om met Martin Buber te spreken - het
Woord "pasmunt" geworden is aan onze universiteit. In veel gesprekken over
grondslag en doelstelling krijg ik althans de indruk dat het bij velen om
een stuk min of meer nuttige traditie gaat. Is de geloofsrelatie onder ons
nog wel levende relatie? Ik vermoed dat veel van onze studenten niet meer
beseffen waarom het in het christelijk geloof gaat. Zij kennen het "van
horen zeggen".
Wat aan onze universiteit een eerste vereiste is, is een bezinning op dit
wegvallen van de geloofsdimensie als een fundamentele determinerende werke-
63
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's