Verslag studiedag 'VU tussen twee VU-ren' - pagina 94
Kontroversen rond de doelstelling en het functioneren van de VU
stellingen en methoden en technieken betekent.
In de eerste plaats meen ik dat in algemene zin het onderscheid tussen we-
tenschappelijk onderzoek en de toepassing van de resultaten ervan aan be-
tekenis inboet. Je kunt je er dan niet vanaf maken met de opmerking: "Mijn
bezigheden als onderzoeker zijn neutraal; wat anderen met mijn onderzoeks-
resultaten doen is mijn zaak niet".
In de tweede plaats worden dan bepaalde onderzoekstechnieken uitgesloten,
technieken waarbij met mensen wordt gemanipuleerd, waarbij mensen en die-
ren onnodig pijn wordt aangedaan, waarbij de natuur onnodig wordt ver-
nield.
In de derde plaats worden bepaalde probleemgebieden uitgesloten van we-
tenschappelijk onderzoek dan wel van een zeer lage prioritering voorzien.
Ik schrik er een beetje voor terug om zelf, op richtinggevende toon, voor-
beelden te noemen, daarvoor schiet mijn deskundigheid tekort, maar in de
congresbundel tref ik tal van probleemgebieden waarbij kritische opmer-
kingen worden gemaaikt. Zo vraagt Beinema ons (blz. 277) of alle denkbare
ontwikkelingen van de kernfysica, alle te verwezenlijken mogelijkheden van
de chips, alle mogelijke vondsten op het terrein van de genetica, enz.,
enz., onbeperkt doorgang moeten vinden, vanwege de positieve kansen die
ze waarschijnlijk bieden tot ontplooiing van de humaniteit en in de vaste
overtuiging dat we de negatieve mogelijkheden, ook wanneer die voor sommi-
gen of voor velen van ons een verleiding vormen, altijd wel kunnen beper-
ken en weerstaan?
Opvallend is ook de selectiviteit in de aandacht, die uit het wel of niet
geven van aandacht aan bepaalde probleemgebieden blijkt. Ik vind in de
congresbundel geen pleidooien voor voortgang van het DNA-recombinatie-on-
derzoek, van onderzoek op het te!:'rein van de kernfysica en van onderzoek op
het gebied van de informatica. Ongetwijfeld ligt aan de afwezigheid van
dergelijke pleidooien óók de gedachte ten grondslag, dat van dergelijk on-
derzoek niet veel goeds meer is te verwachten voor 1e Tensheid. J.H. van
Bemmel is een van de weinigen die dergelijke gedachten expliciet onder
woorden brengt. Hij bepleit een denkkader tegenover de holistische, hië-
rarchische, centralistische zienswijze van het systeemdenken, de algeme-
ne systeemtheorie. Hij wil dat ontwikkelingen - zeker in de gezondheids-
zorg - aan de kaak worden gesteld die ontmenselijking teweegbrengen. Hij
meent dat stevig protest moet worden aangetekend waar, in de psychologie,
mensen worden gemanipuleerd en waar hun persoonlijkheidsstruktuur wordt
aangetast via sensitivity training en langs electronische, farmacologische
82
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Publicaties VU-geschiedenis | 192 Pagina's