Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 159
congres dat te Amsterdam werd georganiseerd. Maar hij meende dat
Kuyper daar zou oproepen tot gezamenlijk optreden zonder daden van
doleantie, breuk en afscheiding.
Van 11 tot 14 januari 1887 werd dat 'Gereformeerd Kerkelijk Con-
gres' gehouden. Ook Hoedemaker zou spreken. Maar Kuyper en Rut-
gers hadden de organisatie daarvan zo ingericht dat wie aan het congres
deelnam, voor doleantie moest kiezen.
De 1500 deelnemers werden pas toegelaten, indien ze vooraf de ver-
klaring ondertekenden: 'dat het juk van de Synodale Hiƫrarchie moet
afgeworpen worden door een iegelijk die het Koningschap van Christus
over Zijn kerk eert.'
Het doel was een beweging te bewerkstelligen om de kerken overal-
mee te krijgen op de weg van doleantie. Er waren modelboekjes met 14
concept-formulieren van besluiten, brieven, adressen en zelfs 'notulen
zoo de meerderheid van den kerkeraad weigert'. Het congres was de or-
ganisatie van de Doleantie, die toch ook een afscheiding was van de na-
tionale volkskerk. En daarvan wilde Hoedemaker niet weten.
Kuyper had gewacht tot de synodale organisatie tot het uiterste van
een massale afzetting was gegaan, en daarna haalde hij het net op. Dat
was de tactiek van de leider, die de troepen zover naar voren liet komen
dat hij hun terugtocht kon blokkeren, zodat ze de strijd wel moesten
volhouden. Ik gebruik deze beeldspraak omdat de organisatie van het
eerste en tweede kerkelijke congres beide keren zo was ingericht, dat
men eerst moest instemmen met een vergaande conclusie, voor men mee
kon doen. Die instemming bracht een verplichting mee.
Verschillende opmerkingen van Kuyper, zoals: 'dat de half millioen
Gereformeerden in de Herv. kerk door niets of niemand voorshands tot
personeele uittreding te bewegen zijn', geven aan dat hij bewust overwo-
gen heeft hoe hij zijn volgelingen kon 'dwingen om in te gaan'.
Het grootste probleem voor het welslagen van de Doleantie vormde
het corps van de predikanten. Zij hadden zich aan de Hervormde Kerk
verbonden en waren voor hun preken, hun werk en hun salaris op de
kerkgebouwen, kerkelijke inkomsten en de overheid aangewezen. Kuy-
per kon ze alleen de offervaardigheid van de gemeenteleden, de kleine
luyden, in het vooruitzicht stellen. En alleen door zijn jarenlange agita-
tie had hij de bedaarde gelovigen in beweging gekregen en de inerte ker-
kelijke organisatie tot vijandige actie geprikkeld.
Kuyper had tenslotte zijn 'Gideonsbende' verzameld, maar dat bete-
kende ook dat velen niet meededen en dat juist vroegere medestanders
zijn ergste vijanden werden.
Als romanticus wilde Kuyper graag met Hoedemaker heel de kerk en
heel het volk meenemen. Maar hij was ook realist. De Afscheiding had
155
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's