Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 320
inderdaad Gods zaak was die werd gediend of althans die Kuyper wilde
dienen. Hij sprak slechts over het eventueel aanwezige persoonlijke ele-
ment daarin, terwijl de grote vraag was of de 'gereformeerde zaak', in
onderscheiding van de 'hervormde', de 'katholieke'of bijvoorbeeld de
'socialistische' zaak wel, in eigenlijke zin, Gods zaak was.
Met Kuyper zijn we daarom nog niet klaar.
Van de kleine luyden heeft Kuyper een goed georganiseerd en actief op-
tredend volksdeel gemaakt, met een aantal prominente leiders. We den-
ken vooral aan de hoogleraren van de VU. Maar ook zijn namen te noe-
men van bekende mensen die zich van de kuyperiaanse wereld hebben
afgekeerd. Ik denk aan de feministische schrijfster jkvr. C.A.M, de Sa-
vornin Lohman, aan de VU-hoogleraren F.J.J. Buytendijk en H.J. Pos,
aan de schilder P.C. Mondriaan jr., aan het dubbeltalent Jan Wolkers
en aan de schrijvers Maarten 't Hart en J.M.A. Biesheuvel en ook aan
de politicus dr. J.M. den Uyl, de hoge ambtenaar en hoogleraar J. van
Baal en de schaker J.H. Donner. Hun optreden stelt indringende vragen
aan de kuyperiaanse wereld.
Als we nu onze koers uitzetten voor een vervolg over de jaren 1905-
1960, dan blijft het doel met de opdracht gegeven: 'een onderzoek te
doen en publikaties te verzorgen over de geschiedenis van christelijke
wetenschapsbeoefening, in het bijzonder aan de Vrije Universiteit, naar
haar maatschappelijke, culturele en politieke aspecten.'
We zijn met het onderzoek en de eerste publikatie bij het jaar 1905 uit-
gekomen met een wettelijk erkende, kuyperiaanse VU.
Voor het vervolg moeten we letten op tenminste een vijftal factoren:
1. tegenstrijdigheden in de kuyperiaanse synthese,
2. nieuwe inzichten door wetenschappelijke, maatschappelijke, culture-
le en politieke ontwikkelingen,
3. de samenstelling van de Gereformeerde Kerken, waartoe ook de ker-
ken van de Afscheiding behoorden,
4. een jongere generatie, waartoe behalve epigonisten, revisionisten en
afwijzers ook creatieve denkers behoorden,
5. krachten van buitenaf, die de verzuiling wisten open te breken.
Ook moeten we op Kuyper terugkomen. Hij publiceerde na 1905 nog de
invloedrijke werken Pro Rege in 1911 en Antirevolutionaire Staatkunde
in 1916.
In 1915 kwam men eindelijk publiek tegen de machtige Kuyper in op-
stand. Bavinck nam het initiatief tot de brochure: Leider en Leiding in
de Anti-Revolutionaire Partij, door mr. A. Anema, dr. H. Bavinck, mr.
P.A. Diepenhorst, mr. Th. Heemskerk en mr. S. de Vries Czn. Deze
schrijvers waren drie hoogleraren en twee curatoren van de VU.
Dat de brochure niet eerder verscheen en in 1915 nog nodig was, toont
314
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's