De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 267
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
Calvinistische Wijsbegeerte over Kuyper's Wetenschapsleer sprak. De
Vrije Universiteit wilde immers als schepping van Abraham Kuyper
van gemeenschappelijk religieuze beginselen uitgaan. En juist inzake
dat beginsel werd vanaf 1936 een hevige strijd gevoerd met de
begrippen 'reformatie' en 'deformatie' als parolen. De vraag naar
het religieuze grondmotief van A. Kuyper en van de VU als
gemeenschap was toen hoogst actueel.
Dooyeweerd had veel aan A. Kuyper te danken. Zijn eigen
wetsidee was ontleend aan Calvijns leer van Gods soevereiniteit en
aan Kuypers soevereiniteit in eigen kring. In zijn verzet tegen het
historisme, en met name tegen Sein und Zeit van Heidegger, had
Dooyeweerd teruggegrepen op het Archimedisch punt, dat A
Kuyper bood met zijn visie op het hart, toen hij in zijn Stone-
lectures zei:
Zal toch zulk een actie op heel ons leven zijn stempel drukken, dan
moet ze uitgaan van dat punt in ons bewustzijn, waar ons leven nog
ongedeeld bleef en nog in zijn eenheid ligt saamgevat, niet in de
gespreide stengels, maar in den wortel waarop alle stengels uitschoten.
En dat punt nu kan niet anders liggen dan in de tegenstelling tusschen
al het eindige in ons menschelijk leven en het oneindige dat er achter
ligt. Daar alleen is de gemeenschappelijke bron, van waaruit de
verschillende stroomen van ons menschelijk leven opkomen en zich
verdeelen. Persoonlijk ervaren we dan ook gedurig, hoe in het diepst
van ons gemoed, op het punt waar dit gemoed zich voor den Eeuv^ge
ontsluit, alle stralen van ons leven als in één brandpunt samenvallen, en
alleen daar die harmonie herwinnen, die ze in het leven zoo telkens en
zoo pijnlijk verliezen.
Zoals de stralen van de éne wetsorde volgens de beeldspraak van
Dooyeweerd, door het prisma van de tijd uiteenbraken in het
gamma van de wetskringen, zo vielen ze weer samen in het éne
brandpunt, volgens de beeldspraak van Kuyper. Dat brandpunt was
het diepst van ons gemoed, de wortel van ons bestaan, ofwel het
boven-tijdelijke hart.
De Wijsbegeerte der Wetsidee had voortgebouwd op deze
'schriftuurlijk-reUgieuze grond-conceptie van Kuyper's anthropologie,
waar deze laatste den religieuzen wortel van de menschelijke
existentie erkende', zei Dooyeweerd in zijn rede.
261
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's