Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 39
nog steeds alleen met de hoogste graad genoegen nam. Op sterke aan-
drang van de hoogleraren De Vries en Prins legde hij op 15 december
het kandidaats-examen bij Kuenen en Scholten af. Daarna volgden op
11 januari 1862 en 21 februari zijn kerkelijke proefpreken met pan-
theïstisch gekleurde opmerkingen over God. Jezus werd genoemd 'de
grootste held der zedelijkheid, wiens naam we zoo gaarne vlechten in de
geschiedenis onzer eigene ontwikkeling'.
Op 7 mei deed Bram zijn kerkelijk examen en legde hij de proponents-
eed af. Hij werd tot de Evangeliebediening toegelaten, maar hij wilde
eerst verder studeren. Eind mei volgde zijn doctoraal-examen en op 20
september promoveerde hij bij Scholten.
De dissertatie bestond niet uit de definitieve biografie van Laski. Het
werd ook niet een omwerking van de beantwoording van de prijsvraag,
zoals vele Kuyperkenners menen. Het proefschrift was het ongewijzigde
^^ eerste deel daarvan, ongeveer eenderde deel van het geheel.
Van 10 oktober tot 15 november reisde Kuyper opnieuw naar Gronin-
gen en Emden, op zoek naar brieven en werken van Laski voor de uitga-
ve van de verzamelde werken van deze reformator. Hij vond gedurende
zijn speurtocht in de oostfriese archieven veel nieuwe gegevens. Het
overschrijven daarvan en het nazien van de drukproeven bracht maan-
denlang veel werk met zich mee.
Van zijn promotie tot de dag dat hij een beroep kreeg, was er iets
tweeslachtigs in Kuypers leven. Hij wilde de opera van Laski uitgeven
en daaraan zijn uitvoerige levensbeschrijving van de reformator toevoe-
gen. Maar ook preekte hij op beroep, want Jo wilde trouwen, en dan
moest hij voor een inkomen zorgdragen.
In de winter van 1862-63 was de vader van Jo ziek. Zijn verhouding
met Bram was toen vaak slecht. Hij had voor de uitzet van zijn dochter
fl. 3500,- beschikbaar gesteld, viermaal het jaarsalaris van een pas op-
tredend predikant. Maar Bram wilde graag ook nog een vast aanvullend
maandbedrag om op een dorp verder te kunnen studeren. Tegelijk was
hij diep gekrenkt door opmerkingen over zijn karakter, die zijn aan-
staande schoonvader maakte.
Het liefst werkte hij aan zijn 'betere carrière', maar toch liep hij ook
de vacatures na in de kerkelijke pers: Oosterwierum, Drimmelen, Eén,
Avenhorn, Noordwijk, Stadskanaal, Nederhorst den Berg, Varsseveld.
Jo wilde graag naar Noordwijk, maar daar wilde men, zoals op meer
plaatsen, een orthodoxe predikant. Hij schreef haar daarover:
'O! Jo! dat wordt zoo vervelend, waar Je ook komt, altijd hoor
je van een orthodoxe, en als je dat dan zelf niet bent, dan maakt
dat zoo moedeloos. Je ziet, ik blijf over onze toekomst scharrelen.
35
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's