Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 32
hoe? In alle boekerijen van ons land gesnuffeld te hebben. De
boekenlijsten van Europa's grootste boekerijen te hebben nage-
gaan. Nergens, nergens in wat hoek ook - en wat ik toen zoo
vond is nog zoo — een ook maar eenigermate beduidende verza-
meling van Lasciana te kunnen ontdekken... In ernst, men moet
zelf, in eigen levensstrijd, door zulk een verrassing overvallen zijn,
om te weten wat het is een wonder Gods te ontmoeten op zijn le-
vensweg.'
'Nu zeg ik dit met nog oneindig dieper gevoel van dankbre aan-
bidding, maar toch ook toen greep het mij aan, zóó machtig aan,
dat ik voor het eerst het lang gestaakte dankgebed vernieuwde, en
het mijzelven niet kon verhelen: dat het dan toch geen oudevrou-
wen sprookje was, om van een 'vinger Gods!' te spreken'.
'Behoeft het nog betoog, dat mijn arbeid aan mijn prijsvraag
hierdoor een zoo geheiligd en gewijd karakter ontving, als dusver
aan mijn studie vreemd bleef?'
Bram Kuyper verwierf zich dat jaar een grote kennis van de werken van
Calvijn en hij werd een kenner van Laski. Hij legde contacten met ver-
schillende geleerden in Europa en begon een uitgebreide corresponden-
tie.
Eerzucht was de motor bij zijn studie. Hij schreef zijn verloofde daar-
over:
'Eerzucht kan ik geen gebrek op zich zelve noemen, maar toch ik
geloof dat ik 't wat in te erge mate heb. Ik kan 't zoo moeilijk ve-
len, dat een ander mij boven 't hoofd gaat, en vooral bij zoo'n
prijsvraag waar men zoo ongeroepen zich waagt, zou 't me o! zoo
zwaar vallen als al mijn werken en al mijn zwoegen met de verge-
telheid werd bedekt, als ik in de oogen van al degenen die er van
weten 't voor een ander af moest leggen.'
Maar eerzucht was niet de enige motor, ook al droomde hij van de gou-
den medaille. Hij wilde voor een professoraat in aanmerking komen.
Hij zou dan langs deze weg, gesteund door De Vries en andere hooglera-
ren, tot de nederlandse elite van liberale burgers gaan behoren.
Na een jaar van intense studie was het antwoord op de prijsvraag ge-
reed: het was een dik boekwerk geworden, 560 bladzijden in foliofor-
maat, bestaande uit een introductie, drie delen en vijf bijlagen. Alles
werd door een copiïst in een duidelijk handschrift geschreven, de tekst
in zwarte inkt, de titels blauw, de citaten rood.
De gevraagde vergelijking was erg breed opgevat. In de inleiding wer-
28
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's