Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 161

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 161

De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.

2 minuten leestijd

wijsgeerige verdieping zeer noodig is, maar dan toch niet alleen van

boven af zonder nauwkeurige natuur-wetenschappelijke verwerking

der feiten en vondsten.' Hij had meermalen ondervonden, hoe

ondankbaar samenspreken was 'daar men bij zijn pogingen om

eerlijk en onbevangen de feiten en verschijnselen voor oogen te

stellen, al gauw als onbruikbaar wordt afgeschaft, als het

medegedeelde niet in de theologische kraam te pas komt.' Hij wilde

toch doorzetten, hoewel het hem ook bekend was dat 'vele

natuurwetenschappehjke menschen er niets geen heil meer in zien.'

Eindelijk kwam op 28 mei 1932 Hepp in een vergadering om

zich tegen Schouten te verdedigen. Hij deed dat door het poneren

van negen steUingen, waarin hij Schouten gebrek aan objectiviteit en

gebrek aan een filosofisch gezichtspunt verweet, waardoor Schouten

volgens Hepp grotendeels langs zijn beschouwingen heen redeneer-

de. Het meest principieel was stelling zeven van Hepp:

Werkelijke resultaten van wetenschap kunnen met de Schrift niet

strijden. Bij eventueel konflict hebben èn natuurfilosofie èn exegese

zichzelf ernstig na te rekenen, met dien verstande, dat men aanneemt,

dat de Schrift absoluut gezag bezit, niet slechts voor het religieus-

ethische, maar voor heel, ook voor het wetenschappelijke leven en dat

men van de exegese niet eische, dat zij aan de duidelijke uitspraken der

Schrift een tegen haar strijdende zin opdringe.

Hepp zei echter niet wie moest bepalen wat werkelijke resultaten

van wetenschap waren, terwijl hij wel het laatste woord aan de

exegeet gaf om het absoluut gezag van de Schrift in stelling te

kunnen brengen. En al eerder zagen we dat hij de exegeet wilde

binden aan de inzichten van de dogmaticus.

Het verslag van de brede bespreking, die op de verdediging van

Hepps stellingen volgde, zou worden gepubliceerd, maar bleef

helaas in portefeuille.

Uit deze discussie bleek dat de dogmaticus van de VU zijn

pretentie, het laatste woord te spreken inzake de natuurfilosofie,

moest prijsgeven. De theoloog had geen vat op de natuur- en

geneeskundigen.

In de vergadering op 7 januari 1933 gehouden, spraken ds. D.

van Dijk en de bioloog H. Heidinga, beiden uit Groningen, over

Vloek en verwording en Gedachten over de beteekenis van den vloek

in de natuur. Opnieuw bleek hoe hun wereldbeeld verschilde. In de

vergadering, op 1 juU 1933 gehouden, sprak dr. J.R. Gerbrandy

155

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 161

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's