Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 140
Door deze brief werd de vriendschap gered, maar curator Lohman bleef
vasthoudend. Hij uitte de vrees, die bij hem bleef bestaan, met de vol-
gende woorden:
'in plaats dat aan uwe volgelingen de oogen geopend worden, en
zij beseffen dat, ook in uw oogen, het niet om u maar om de waar-
heid te doen is, die volgelingen niets doen dan blindelmgs uwe
"orders" volgen.'
Terwijl Kuyper bleef wensen dat Lohman hoogleraar werd, bleef Loh-
man hem waarschuwen met opmerkingen als:
'Uwe buitengewone scherpzinnigheid verleidt u meermalen om,
door de dingen wat te verschikken, zwart wit te redeneeren.'
Lohman verdedigde de VU en ook Kuyper, maar trachtte te voorkomen
dat de VU een eenmanszaak van Kuyper werd.
Opmerkelijk is, dat Lohman vroeg naar de gezondheid van Kuypers
vrouw als deze over eigen gezondheid klaagde, hem erop wees, dat zij
te snel kinderen kreeg en dat ook zij behoefte aan vakantie had. Loh-
man begreep de druk waaronder zij leefde.
In 1882 werd Wite, de oudste zoon van Lohman, student in de rechten
aan de VU. Hij dweepte met de colleges van Kuyper, prees Woltjer,
maar kon van Fabius thuis weinig vertellen. Toen Kuyper dit in een brief
van Lohman las, poogde hij opnieuw Lohman over te halen hoogleraar
te worden. Vanwege de kerkrechtelijke kwesties en ook door het opko-
men van het socialistische radicalisme, was zijn komst naar Amsterdam
dringend gewenst. Er waren geschoolde juristen nodig voor Kuypers
program van actie. Maar Lohman had, naar hij schreef, nog geen ge-
loofsmoed, geen lust, geen behoefte, geen roeping. Hij wilde voor alles
gedegen werk leveren, en hij vond zichzelf nog onvoldoende voorbereid
voor de zo verantwoordelijke taak van een hoogleraar.
Ook had hij de behoefte aan een gereformeerde dogmatiek, en het te-
kende de situatie dat die in Nederland niet bestond. Toen schonk Kuy-
per hem de drie delen Systematic Theology van Charles Hodge, de calvi-
nistische dogmaticus van Princeton, USA. Lohman bedankte zijn 'Zeer
Heve Vriend' en schreef 6 november 1882:
'In mijn hart wensch ik, met G.v.P. Evangeliebelijder eerst, daar-
na Staatsman te zijn. Het Evangelie, opgevat zooals onze Gerefor-
meerde Vaderen dat deden, en dus zoo, dat al de deelen der god-
delijke Waarheid tot hun recht komen, wordt mij steeds meer, te
136
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's