De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 334
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
gers te vorderen, dat zij bij hun leeren in niets zullen afwijken van
de in 1905 en 1942 gedane leeruitspraken.'
De kerkeraad van Giessendam/Neder-Hardinxveld achtte, dat er
vrijheid was om met de Verklaring van Gevoelen in te stemmen en
besloot de classis voor te stellen geen eis tot instemming met de
leeruitspraken van de kandidaten te verlangen. Het ging hierbij om
de toelating van kandidaat H.J. Schilder, beroepen predikant van
Noordeloos. Na bezoek van de synode-deputaten bonden de
kerkeraden in en werd tenslotte aan kandidaat Schilder de kansel
geweigerd. Hierbij speelde prof. Grosheide een rol, die van H.J.
Schilder een verklaring eiste, die verder ging dan de synode
verlangde. Maar die fout liet de synode lopen.
K. Schilder had op 14 januari 1944 aan alle kerken geschreven
dat hij zijn december-advies aan de synode rondzond, omdat hij in
dienst van alle kerken stond onder de verbintenis 'de leer, die is
begrepen in de Belijdenisschriften van de Gereformeerde Kerken in
Nederland, naastig te zullen leeren en getrouwelijk voor te staan.'
De inhoud van het Prae-advies was ten enenmale onjuist, onder
andere 'in de weergave van de meening der vaderen, en mitsdien in
de uitlegging onzer belijdenisschriften.'
Schilder mocht niet publiceren, zijn huis was gevorderd, zijn
bibliotheek weggesloten, hij was als dogmaticus van de kerken in
die tijd niet in staat zijn beweringen wetenschappelijk te bewijzen.
Het onderduikadres van Schilder was intussen verraden, en hij
verbleef op verschillende plaatsen. Een langere tijd was hij
ondergedoken bij dr. P.J. Jasperse, arts te Leiden, die door het
lenen van veel theologische boeken uit de Leidse Universiteitsbi-
bliotheek probeerde Schilder te helpen om dat bewijs alsnog aan te
dragen.
Maar Schilder had ook argumenten te over om zich in die
laatste oorlogsjaren niet met de kerkstrijd te bemoeien. Hij had zijn
tijd, die nog zou komen, af kunnen wachten. Hij was de belhamel
van het nationale verzet geweest, maar daarna gebruikte hij zijn
pen niet om het verzet tegen de bezetter te stimuleren. Waarom
belette zijn ambtsopvatting hem dan wel om eenzijdig de zaak van
de kerk uit te steUen tot hij openlijk kon publiceren?
Op de synode-vergadering van 24 februari 1944 waren een groot
aantal ingekomen stukken over de leeruitspraken, onder meer van
de classis Middelburg, negen stukken van evenzoveel kerken, 23
brieven van predikanten en ouderlingen, van vertegenwoordigers
328
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's