Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 149

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 149

2 minuten leestijd

'na behoorlijke Kerkelijke onderzoeking', beroepen zijn.

'Op welke wijze deze Kerkelijke onderzoeking zal kunnen plaats heb-

ben, is op dit oogenblik nog niet uit te spreken, daar zij niet beoordeelen

kunnen, of er wegen zullen te vinden zijn om dit te doen plaats hebben

in de bestaande kerkelijke organisatie', schreef de kerkeraad hem.

Op 11 april nam Houtzagers dit zo geformuleerde beroep aan, in de

overtuiging dat de kerkeraad in staat zou zijn de bezwaren uit de weg

te ruimen.

Vanaf 5 april begon Kuyper in De Heraut telkens iets over Kootwijk

te melden.

In Kootwijk was 'eene vigelante uit Barneveld komen aanrijden,

waaruit een heer stapte, — lang en steil van gestalte, van goed vijftigja-

rigen leeftijd, met grijs haar en grijzen baard, met oogen brutaal rond-

ziende, met 't air van iemand, die zijn waarde uitnemend gevoelt en met

een hoofddeksel op, hetwelk de Kootwijkers noemen: een biester groote

harige muts.'

Deze vreemdeling had in Kootwijk hoog opzien verwekt door bij de

onderwijzer, de kerkvoogd en een ouderling op bezoek te gaan om

Houtzagers als leerling van Kuyper af te raden. Hij wilde zijn naam niet

noemen en zei alleen, dat hij een koopman was. In werkelijkheid was

het ds. J. van Dijk, directeur van de Doetinchemsche Stichtingen, die

al jaren de leerlingen van zijn gymnasium waarschuwde voor verdere

studie aan de VU.

De jaarvergadering van de VU stond ook in het teken van Kootwijk.

'Omdat te Kootwijk aan den eersten candidaat der Vrije Universiteit

toezegging van beroep was gedaan', werd de haagse Kloosterkerk voor

de bidstond, voorafgaande aan de VU-dag 1885, geweigerd. Deze tegen-

stand kwam van de zijde van de oude gemeente van Gunning.

In de Waalse kerk sprak Kuyper toen over 'IJzer en leem'.

Het beeld van de wereldmacht met het gouden hoofd, in de droom

van koning Nebucadnezar van het oude Babyion, was wankel, omdat

het voeten had, samengesteld uit ijzer en leem. Kuyper wilde met de ter-

men ijzer en leem aangeven, dat de gereformeerde christenen onmoge-

lijk samen met de modernen, die het geloof van de belijdenis weerspra-

ken, in één kerkverband konden samengaan.

Voor hetgeen hoogleraren op kerkelijk terrein deden, mocht de VU

niet aansprakelijk gesteld worden.

Maar de spreker gaf toe: de Vrije Universiteit beleed: 'wel terdege,

dat hetgeen God onvermengbaar schiep, toch niet duurzaam hechten

kan, en ten leste gescheiden moet, — desnoods door breuke. Haar op-

treden was breuke. Een breken met de ongeloovige wetenschap; een ver-

breken van de universitaire eenheid; breuke van de continuïteit met op-

145

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's

Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 149

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's