De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 103
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
Ik wijs ten eenenmale af een soort verdenking van 'malcontenterigheid'
oftewel 'verkapt Netelenbossianisme' ...; ik ben gelukkig overtuigd en
steil Gereformeerd... Ik wensch niet genoemd te worden in eenig
verband met onkerkelijke, anti-kerkelijke, of kritische bewegingen.
Daarvoor heb ik onze kerken en de Gereformeerde waarheid veel te
lief.
De verdachtmakingen waarop Waterink doelde, werden door ver-
schillende kerkbode-scribenten gezien als een symptoom van de
geest die toen in de Gereformeerde Kerken heerste. De latere
partijschappen waren ook toen al aanwezig.
Het weekblad De Reformatie wilde vernieuwing en tevens meer
eenheid brengen. De redactie was met goede bedoelingen breed
samengesteld uit Prof. dr. F.J.J. Buytendijk, dr. K. Dijk, dr. V.
Hepp en dr. B. Wielenga. Buytendijk was een medicus met grote
kennis van de biologie, een man van aUure. Hij was afkomstig uit
de Hervormde Kerk en toonde in zijn artikelen belangstelUng voor
de mystiek en de filosofie van de Katholiek geworden Max Scheler.
Dr. K. Dijk was in 1912 aan de VU bij H.H. Kuyper gepromoveerd
op de dogmatische strijd tussen infra- en supralapsarisme. Hij was
een bekend woordvoerder van het rijke Kuyperiaanse leven, die
met pathos de verworvenheden ervan ophemelde. Dr. V. Hepp was
een leerling van Bavinck, maar hij had een scholastieke geest, die
de onderscheidingen van Kuyper systematisch ging aanscherpen. Dr.
B. Wielenga, zoon van Bavincks collega en vriend prof. D.K
Wielenga te Kampen, was de duidelijkste vertegenwoordiger van de
'Bavinck-geest'.
Deze vier redacteuren, met Hepp als eindredacteur, werden
bijgestaan door 28 medewerkers, waaronder twintig theologen. Het
blad was kerkelijk gereformeerd en ging van het kerkelijke denken
uit, zoals het Openingswoord van de redactie duidelijk uitsprak:
Naar haar oorsprong behoort de kerk niet tot de geschiedenis.
Haar grondslag is op de bergen der heiligheid. Zij komt uit de
eeuwigheid, en heeft haar binnenzijde naar de eeuwigheid gekeerd. Zij
past zich niet aan bij de wereldgeschiedenis, zij leeft principieel haar
ontwikkeling niet mee, maar, waar zij eenerzijds voor haar de bedding
legt, getuigt zij anderzijds tegen haar en roept tot terugkeer naar het
eeuwigheidsbeginsel. Zij bouwt de ark om de catastrofe, waarop de
geschiedenis uitloopt, te ontvlieden.
99
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's