De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 328
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
Daarop volgden de vele stakingen, het standrecht en de sluiting van
de universiteiten. Toen de volgende synode op 22 juni 1943 te
Utrecht vergaderde, was voor velen de onderduikperiode begonnen
en kwam het actieve verzet in gereformeerde kring goed op gang.
De nieuwe synode wees als moderamen aan: prof. dr. G.C.
Berkouwer als voorzitter, ds. W.L. Milo, dr. J. Hoek en dr. E.D.
Kraan, alle vier leerling van de VU. Op de agenda stonden onder
meer een aantal bezwaren tegen de leeruitspraken, verschillende
verzoeken om aan de Hogeschool der Kerken te Kampen
promotierecht te verlenen en vele bezwaren tegen de wettigheid van
de Synode van Sneek, voorzover ze nog na augustus 1942
vergaderde.
De nieuwe synode besloot zomin mogelijk achter gesloten
deuren te vergaderen. Ook werd prof. G.Ch. Aalders, in plaats van
D. Nauta en G.M. den Hartogh, tot pre-adviseur inzake
kerkrechtelijke zaken benoemd. Maar wel werd tot pre-adviseur in
zaken van de leer opnieuw J. Ridderbos aangewezen, bijgestaan
door Grosheide, zodat deze over de kritiek op zijn eigen adviezen
moest adviseren.
Al spoedig sprak de synode uit dat de vorige synode niet
onwettig had gehandeld, ook niet toen die synode aan de kerkeraad
van Amersfoort, aan Schilder en Greijdanus en aan ds. J.H.
Rietberg, geen gelegenheid gaf hun bezwaren publiek te maken. De
synode had het laatste woord, en wie in appel ging, kreeg geen drie
jaar de ruimte om zijn bezwaren in de kerkelijke weg aan de orde
te stellen.
'De kerkelijke weg' was de gereformeerde uitdrukking voor
behandeling van zaken in de kerkeraden, en vervolgens in de
classes, de particuliere synodes en tenslotte door de generale
synode. Die weg werd in 1936 niet bewandeld, en terecht kon men
stellen dat de synode was begonnen met het verlaten van de
kerkelijke weg.
Vervolgens kwam de wens van vier particuliere synodes en
enkele classes om aan de Theologische Hogeschool te Kampen het
promotierecht te verlenen, aan de orde. Vanaf 1892 was die zaak in
behandeling geweest. De strijd tussen H.H. Kuyper en K. Schilder
ging mee daarover. Toen de synode na advies van 6 tegen 1 pre-
adviseur met 30 tegen 16 stemmen besloot het promotierecht niet
toe te kennen, leidde dat tot een verklaring van 14 leden: zij waren
diep teleurgesteld en bedroefd.
322
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's