De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 175
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
In de rectorale oratie, die Vollenhoven op 20 oktober 1932
uitsprak over De Noodzakelijkheid eener Christelijke Logica vinden
we een paar van die summiere uitspraken.
Zoals: 'De God der Schriften is de hypostasis (vaste grond), die
aan het geschapene Zijn wetten stelde en het geheele bestand van
den kosmos onderhoudt.'
En: 'Dat Hij, juist wijl alleen Hij de vaste grond van den
kosmos is, anti-thetisch staat tegenover al wat in Zijn wereld de
vastheid buiten Hem zoekt.'
En tenslotte: 'De kosmos is door God zóó geschapen, dat alle
aardsch bestaan mede betrokken is op de menschheid, wier kern
door Christus een eeuwig verbond met God heeft.'
Toen Vollenhoven en Dooyeweerd een kwart eeuw hoogleraar
waren geweest, schreef prof. mr. P.J. Verdam in Trouw een artikel
over hun werk. Zijn vader, mr. J. Verdam, werd in 1932 curator en
hij werd zelf in 1933 student. Hij kon uit kennis en ervaring over
de werken en de werking van Vollenhoven en Dooyeweerd
schrijven. We lezen in Trouw van 15 oktober 1951:
De gedachten in al deze werken ontvouwd, betekenden metterdaad een
ommekeer van het wijsgerig denken in de Calvinistische kring. Wie al
klaagt over dorre doodsbeenderen of verslapte zenuwen in het
Calvinisme van vandaag, - men kan niet over het hoofd zien het
ongeëvenaarde enthousiasme, dat de wijsbegeerte der wetsidee bij
zovelen heeft teweeggebracht. In deze wijsgerige conceptie hebben
velen bij het losslaan van alle waarden nieuwe steun gevonden voor het
opnieuw beleven van hun idealen in christelijke zin.
Het centraal stellen van Christus' Koningschap over alle gebied der
wetenschap, het in bewogenheid stellen der problemen, het onvermoeid
doorwerken aan het uitbouwen der gevonden fundamenten, de positieve
en systematisch sluitende opzet van dit denkgeheel, dit alles heeft
studenten en vele anderen met nieuwe moed bezield en hun perspectief
getoond in schijnbaar ondoordringbaar duister.
Veel meer dan erkenning van wetenschappelijke verdienste, leeft bij
allen grote dankbaarheid voor het feit dat door deze wijsgeren 25 jaar
lang onvermoeid weer zo scherp naar voren is gebracht, dat, zoals prof.
Dooyeweerd het eens schreef, 'niets van hoog tot laag in deze tijdelijke
wereld onttrokken is aan de klem der Christelijke religie, en dat die
religie zich niet tevreden stelt met de rol van decoratieve bovenbouw
boven in grond en wezen afgodische wetenschap.' Want dat radicaal-
christelijke is wezenskenmerk van Calvinisme en Vrije Universiteit.
169
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's