De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 19
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
I. INTRODUCTIE 1905-1920
1. De VU na Kuypers vertrek
Abraham Kuyper boeide bij het uitspreken van zijn laatste rectorale
oratie zijn 'zeer geachte en zeer gewenschte toehoorders' vanaf de
eerste zin: 'Onze negentiende eeuw sterft weg onder de hypnose
van het Evolutie-dogma'.
Met deze indrukwekkende woorden karakteriseerde hij de
ontwikkeling van de wetenschap in de vorige eeuw. Zijn rectorale
oratie ging over Evolutie. Hij schreef de rede in Zwitserland, vlak
na het overhjden van zijn vrouw. Op 20 oktober 1899 trad hij voor
het eerst na dat verlies weer op, en in zijn eerste zin sprak hij over
het sterven van een gehele eeuw. Velen zouden op die rede in de
20ste eeuw terugkomen als ze over geloof en evolutie gingen
schrijven of spreken.
Door Kuypers rede geïmponeerd, typeerde negen jaar later de
rector magnificus van de Rijksuniversiteit te Groningen, professor
G. Heymans, de 20ste eeuw als: De toekomstige eeuw der psycho-
loge.
De evolutieleer, met name het materialistisch monisme van
mensen als Haeckel, wilde heel de werkehjkheid uit de materie
verklaren. Heymans poogde, daaraan tegenovergesteld, de werkelijk-
heid vanuit de ziel te beschouwen. Hij noemde de 19de eeuw de
eeuw der natuurwetenschap en voorspelde dat in de 20ste eeuw de
psychologie 'stuur zal brengen in het maatschappelijke zoowel als in
het individueele leven'. Niet de materie, maar de psyche was alles.
Hij zei: 'Wij mogen dus verwachten dat, met de uitbreiding onzer
kennis van de psychische wettelijkheid, ook in onze wereldbe-
schouwingen steeds meer het psychische zal verhuizen van de
peripherie naar het centrum; en het is aan de meesten uwer wel
bekend, dat naar mijne en veler anderer overtuiging deze ontwik-
keUng zal moeten uitloopen op de leer, dat alléén het psychische
reëel, en al het physische bloote verschijning van het psychische is:
de leer van het psychisch monisme'.
Tussen de twee polen van het materialistisch-monisme en dit
ziele-monisme in vroeg de Duitse filosofie aandacht voor de
cultuurwetenschappen naast de natuurwetenschappen. H. Rickert
15
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's