Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 202
schriften - het eens zijn, is er voor mij geen reden, juist nu de uitnoodi-
ging, die mij door U in den mond is gegeven, tot U te richten.'
Lohman had al eens eerder aangeboden: Kuyper in de Kamer en hij
journalist van De Standaard. In de Kamer was hij door zijn eed gebon-
den vrij te oordelen. In de krant kon hij het wel opbrengen om ter wille
van de eendracht, overeenkomstig de aanwijzingen van Kuyper te schrij-
ven.
Of was dat aanbod een politiek middel van Lohman om al te veel kri-
tiek van Kuyper af te weren? Hij wist immers wel dat Kuyper, sinds zijn
eerste kamerperiode, een hekel aan het werk van kamerlid had.
Wat bezielde Kuyper om zich nu wel beschikbaar te stellen, al zei hij
dat het maar tijdelijk was? Had hij al verder reikende plannen voor het
geval dat rechts door de kiesrechtuitbreiding weer aan de macht kwam?
Kuyper vatte de door Lohman gestelde voorwaarde op als een afwij-
zing. Hij reageerde op Lohmans brief met een verklaring van het voor-
stel van Rutgers. Deze was de spreekbuis van Kuyper geweest. Het voor-
stel was gedaan zoals een Jood, die op zaterdag een ander voor zich laat
werken om zelf de sabbath te kunnen houden, legde hij uit. Nu Lohman
deze oplossing afwees, berustte Kuyper daarin, en schreef in een brief:
'Doen we dan beiderzijds, wat we, voor het aangezicht des Heeren,
ditmaal plicht en roeping achten, en geloof aan de oprechtheid mijner
bede, dat, ook al mochten we straks in de Kamer tegenover elkander ko-
men te staan, onze onderlinge waardeering, onze vriendschap en boven-
al onze broederband in Christus hieronder nooit het minste moge lij-
den.'
Het was volgens Kuyper ditmaal 'geen principieelen strijd', maar wel
een strijd tegen het boze, loze, onverbeterlijke, ongeneeslijke, dodend
conservatisme, 'den vijand van ons volksgeluk'. Zonder aanzien des
persoons schreef Kuyper zeer fel in De Standaard, en toch schreef hij
dat het geen principiële strijd was!
Een ongebruikelijk heftige strijd werd gevoerd, en toch ging het niet
om de beginselen.
Maar Kuyper gebruikte wel religieuze argumenten in de strijd, toen
hij schreef:
'Vast en onwrikbaar staat onze overtuiging, dat onze Heiland, indien
hij nog op aarde ware, ook nu zich aan de zijde van het verdrukte volk
en tegenover de machthebbers dezer eeuw zou plaatsen.'
En dan mocht het geweten iets ruimer genomen worden:
'Om splinterige quaestiën van Grondwetsuitlegging zult ge u daarbij
niet ophouden.'
Het blad De Liberaal vatte Kuypers campagne in drie woorden sa-
men:
196
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's