De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 339
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
rapport van de 'kerkrechtelijke commissie' aan de orde. Over de
voorstellen zouden Dooyeweerd en Rietberg overleg gaan plegen
met Schilder. Ook over de toekomst werd gesproken. Een deel van
de vergadering wilde zich vrijmaken van de synode-beslissingen.
VoUenhoven vertolkte het oordeel van het andere deel:
Als de Schilderianen 'in engeren zin' doorgaan, is het conflict er, en
heeft de Synode de situatie, die zij noodig heeft. En als deze 'engere'
Schilderianen er uit zijn, dan wordt de rest van ons een middengroep,
die met onmacht geslagen is. Wij zitten diep in het moeras, maar om in
deze situatie de kerken te verlaten is niet verantwoord. En bovendien
moet ieder denken aan zijn verantwoordelijkheid om te werken aan de
eenheid der kerken.
Op de vierde bijeenkomst rapporteerde Dooyeweerd over het
bezoek dat op 25 april aan Schilder was gebracht. Schilder wenste
geen compromis, geen gratie op grond van nieuwe handelingen,
terwijl hij geen schuldbelijdenis kon doen van de door de synode
ten onrechte geconstateerde zonden. De dag na de bespreking
schreef Schilder aan Dooyeweerd, dat hij maar één weg kende:
'Wie onrecht ziet, moet daartegen opkomen, zonder rechts of hnks
te zien. Tenslotte is dat de beste tactiek, ook al gaat men er zelf bij
ten onder, zooveel het vleesch aangaat.'
Aan zijn vrouw schreef Schilder: 'Gister heb ik 'n gesprek gehad
met Dooyeweerd, den man van Tine Fernhout, en Rietberg van De
Wachter. Ze wilden me overhalen iets van mijn kant te verklaren,
ongeveer in dezen geest, dat ik dan wel bereid was, mijn bezwaren
in te dienen bij de volgende synode. Niet, dat ze mijn houding
afkeurden, integendeel. Maar ze waren bang dat ze anders zouden
overgaan tot het ergste.'
Mevrouw Dooyeweerd, de dochter van notaris Fernhout, was in
Gorinchem catechisante van Schilder geweest, en uit die tijd kende
mevrouw Schilder haar.
Ook over Hein schreef Schilder, dat was H.J. Kouwenhoven,
een bankier en ouderling te Voorburg: 'Intusschen is het verblijdend
dat ze ook zelf een bezwaarschrift hebben ingediend bij hun
kerkeraad, dwz. Rietberg en ook VoUenhoven en Dooyeweerd. Op
hun vergadering hebben ze wel eerst erg getreuzeld, en nog
treuzelen ze m.i. veel te veel. Maar Hein heeft den vorigen keer op
zijn poot gespeeld en gezegd, dat ze tegen die zonde, die van de
333
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's