De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 109
De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.
Onder Gods zegen en op het voetspoor van Groen van Prinsterer en
Doctor Abraham Kuyper de kennis der eeuwige beginselen naar Gods
Woord, die de Antirevolutionaire Partij op staatkundig terrein belijdt,
door wetenschappelijken arbeid te verdiepen, de doorwerking en
toepassing dier beginselen op het gebied van het staatkundig en
maatschappelijk leven te bevorderen en den invloed dier beginselen
onder de Antirevolutionairen van Nederland in het bijzonder en op het
geheele Nederlandsche volk in het algemeen te doen toenemen.
Maar Dooyeweerd wees er wel op dat tot dusver slechts stukwerk
op het gebied van de calvinistische rechts- en maatschappij-beschou-
wing was geleverd. Hij zag een levenstaak voor zich en hij wilde
beginnen met het verkrijgen van een helder inzicht 'in de
grondslagen der zgn. neo-calvinistische levens- en wereldbeschou-
wing in haar toepassing op recht, economie en politiek.' De
benodigde methode moest geleid worden 'door de beginselen der
door Dr. Kuyper geniaal opgezette kennistheorie.' Dooyeweerd
wilde publiceren in een doorlopende reeks pubUkaties van de
Kuyper-stichting. Hij hoopte ook de aan de VU studerende juristen
te mogen instrueren. Hij hield dus meteen de Kuyper-leerstoel in
het oog, want sinds 1920 ambieerde hij een wetenschappelijke in
plaats van een ambtelijke loopbaan.
Colijn zag duidelijk in dat Dooyeweerd de man was aan wie
hij de politiek-wetenschappelijke erfenis van Kuyper kon toever-
trouwen. Dooyeweerd werd adjunct-directeur en begon met zijn
studie in het huis en de studeerkamer van Kuyper.
Behalve de oudere leiders, waaronder vooral: H.H. Kuyper,
Anema, Colijn, Idenburg, Lindeboom en Honig en de wat jongere
Grosheide, Ridderbos en Hoekstra, werden dus twee nieuwe leiders
in het zadel gezet: Hepp als erfgenaam van Bavinck en
Dooyeweerd als erfgenaam van Kuyper. Later zouden daarbij
komen: VoUenhoven en Waterink als opvolgers van Woltjer en
Geesink. Waterink, die te Kampen studeerde en aan de VU
promoveerde, voor de pedagogie en de ambtelijke vakken en
VoUenhoven voor de filosofie en psychologie. SchUder zou daar nog
weer later bijkomen als opvolger van Honig te Kampen.
105
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's