Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 311
De rede op de VU-dag in 1907 handelde ook daarover. Bij de oprich-
ting van de VU ging het er volgens de spreker om: 'Ie op te komen voor
de souvereiniteit Gods in de wetenschap; en 2e voor de souvereiniteit in
eigen kring van de wetenschap zelve.' Daarom moesten drie machten be-
streden worden: 'Ie het monopolie der Wetenschap, 2e de albemoeiïng
van den Staat; en 3e een onjuiste pretentie der kerk.'
Het Pro-Rege-perspectief werd in die jaren toonaangevend. Het ging
steeds meer over macht en eer. De eer van God, uiteraard, maar omdat
hem niets menselijks vreemd was, ging het ook om de eer van Kuyper
zelf. In zijn conflicten met een jongere generatie bleek hoezeer het ook
om eer en macht en invloed bleef gaan. Kuyper kon daarvan geen af-
stand doen, zodat we juist op dat punt gevoelens van medelijden voelen
opkomen bij het lezen van zijn briefwisseling met Idenburg.
De laatste serie die Kuyper in De Heraut schreef, van 1911 tot 15 de-
cember 1918, kreeg tot titel Van de Voleinding. Ook in deze serie werd
uitgegaan van de Raad Gods. Uitvoerig werd ingegaan op evolutie en
zondvloed, op astronomische en geologische vraagstukken, op schep-
ping, zondeval en verlossing, op de geschiedenis en toekomstverwach-
tingen. Het vierde en laatste deel was vrijwel geheel gewijd aan de ver-
klaring van het laatste bijbelboek.
Als men bedenkt dat Kuyper in 1915 en 1916 ook nog zijn twee delen
Antirevolutionaire Staatkunde schreef, dan valt op dat hij zijn pro-
gramma van 1886 inderdaad heeft afgewerkt. Men moet zijn dogmatiek
niet in één wetenschappelijk werk zoeken, maar in de grote driedelige
werken: Het Werk van den Heiligen Geest, E Voto, De Gemeene Gratie,
Pro Rege en Van de Voleinding. Hij gaf geen afgeronde verklaring van
de Brief aan de Romeinen, maar wel van de Openbaring aan Johannes.
De Encyclopaedie der Heilige Godgeleerdheid werd geheel overeenkom-
stig het plan voltooid. De prestatie was inderdaad buitengewoon indruk-
wekkend.
Op de VU-dag 1912 sprak Kuyper over de oprichting van de VU als
Een Geloofsstuk. Toen Kuyper na 32 jaar terugkeek, verhaalde hij van
de school, die hij gesticht had. Het ging daarbij om herleving van het
oude, nationale Calvinisme:
'Nooit is van onze school de pretentie uitgegaan, alsof we verzin-
ners van nieuwe vondsten waren. Nooit ander doel is door ons in
het oog gevat dan om wat eens onze vaderen groot maakte te doen
herleven, en zich verder te doen ontwikkelen.'
Om dat laatste ging het ook, want 'alleen zoo, d.i. door Schoolstichting,
is voortgang in het leven der wetenschap denkbaar'. En die school van
305
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's