Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 198

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 198

De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.

2 minuten leestijd

Antoon Kuypers kon met deze conceptie-in-wording zijn onderwerp,

het onbewuste, niet uitdiepen. Hij zou de ontwikkeling van

Vollenhoven en Dooyeweerd kritisch volgen. Het onderwerp van

zijn dissertatie werd aangevuld met het woord pedagogie, het vak

van Waterink. Tot hem had A. Kuypers zich trouwens al in 1928

gewend. Zijn proefschrift kreeg daarom de titel: Het Onbewuste in

de nieuwere paedagogische Psychologie. Daarop promoveerde hij

veertien dagen na zijn broer, op 13 maart 1931, als eerste

promovendus van prof. J. Waterink.

In zijn voorwoord schreef Kuypers aan het adres van Waterink:

'Van de juistheid Uwer grondgedachten werd ik steeds meer

overtuigd', en verder merkte hij daarin op: 'Met Uw arbeid aan

deze Universiteit, hooggeachte Vollenhoven, heb ik mij zooveel

mogelijk op de hoogte gesteld; Uw onderscheidingen waren mij bij

de beoordeeling der vele systemen, die ik bij mijn studie moest

onderzoeken, van bijzondere waarde.' Maar ook schreef hij

verderop in het proefschrift over de problemen, die hij had om het

onbewuste te plaatsen in de conceptie van Vollenhoven:

'Systeemdwang speelt bij deze grensbepahng en begripsomschrijving

geen geringe rol.'

In het volgende jaar, 1932, sprak Vollenhoven op de VU-dag te

Leiden, onder voorzitterschap van Waterink, over Taak en plaats der

Wijsbegeerte aan onze Universiteit. Daarin wees hij op de 'grondfout'

der gangbare wijsbegeerte, op 'de totale of gedeelteUjke

vergoddelijking van het schepsel' zoals dat tot uitdrukking komt in

'het gangbare gebruik van den term "substantie", "hypostasis" of

"vaste grond"'. Hij noemde de religie 'een wandelen met God,

Wiens Woord men voor waarachtig houdt'. De psychologie noemde

hij een vakwetenschap, waarbij hij opmerkte dat volgens sommigen

(zoals Waterink, maar dat zei hij er niet bij) de grens tussen het

hogere en lagere dwars door de wereld der emoties heen loopt

zodat het psychische leven gesplitst dient te worden. Ook verwierp

hij de 'synthese-philosophie', en waarschuwde hij in de kerk voor de

heerschappij der wetenschap enerzijds, en 'aan den anderen kant de

hypocrisie door de deuren open te stellen voor hen die er slechts

een anti-materiaUstische meta-physica met een christelijk tintje op

na houden'. Wie goed op de hoogte was, kon dat als een

waarschuwing aan het adres van Hepp enerzijds en Waterink

anderzijds opvatten.

192

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 198

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's