Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 193
Kuyper voelde het gevaar.
Klaas Kater op een verkiesbare plaats inzetten, was moeilijk en ris-
kant. Het Centraal Comité zou een ander moeten weren zonder zeker-
heid dat Kater door de kiesgerechtigde burgers gekozen zou worden.
Kuyper moest voor het kiesrecht van de kleine luyden opkomen, omdat
ze anders naar de leuzen van het radicale socialisme zouden kunnen
gaan luisteren.
Dat was het wat een nieuwe complicatie in de politieke situatie vanaf
1890 zou brengen: onvrede bij de kleine luyden terwijl een rechts kabi-
net regeerde.
Nooit had de Anti-Revolutionaire Partij een grotere zege behaald dan
in 1888, kort na de Doleantie: 28 van de 100 zetels. Alle verdeeldheid
werd enige tijd vergeten om tegen de liberalen één front te vormen. Sa-
menwerking was door het kiesstelsel uit die tijd nodig om per district een
meerderheid te krijgen voor een kandidaat. Een advertentie in de Nieu-
we Provinciale Groninger Courant gaf dat aan:
'Wij kiezers, wij anti-revolutionairen, wij democraten, wij radica-
len, wij conservatieven, wij allen hopen onze stem uit te brengen
op den heer A. Brummelkamp Jr.'
Hoofdredacteur van die krant was de heer Brummelkamp zelf, de ijveri-
ge medewerker van Kuyper in de journalistiek en de politiek.
De rechtse overwinning maakte in 1888 een rechts kabinet mogelijk.
Lohman vormde dat kabinet-Mackay samen met Schaepman en Kuy-
per. Lohman noemde Keuchenius, die president-curator van de VU was,
als minister van koloniën. Lohman zou het kabinet in de kamer steunen
en hij verwachtte van Kuyper ondersteuning in de pers.
Het jaar 1889 werd een goed jaar voor het kabinet-Mackay met het
tot stand komen van een arbeidswet en een onderwijswet. Maar in 1890
werd de begroting van Keuchenius in de Eerste Kamer afgestemd, mede
omdat Keuchenius een groot voorstander van de zending was. Een ka-
merlid sprak over 'den godsdienstigen waanzin van dezen Minister' en
een ander zei, dat 'zijn verstand was door den godsdienst beneveld'. Het
ministerie besloot, tegen het advies van Lohman in, Keuchenius te ver-
vangen. En Lohman liet zich, om het door hem gevormde kabinet te
redden, overhalen om zelf minister te worden.
Kuyper was daarover ontstemd. Hij organiseerde een groots hulde-
blijk voor Keuchenius. Op 20 mei werd hem een boekenkast aangebo-
den, gevuld met 102 werken van voornamelijk piëtistische schrijvers als
'getuigen des Heeren'. In de laden ervan lagen twee albums. Een in leer
gebonden album bevatte de geschreven catalogus, het andere album tel-
187
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's