Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 151
om advies te vragen aan de VU-hoogleraren': Kuyper, Rutgers, Fabius
en Lohman, dus ook aan de juristen, en aan de curator ds. B. van Schel-
ven. Hoe moest Houtzagers kerkelijk geëxamineerd worden nu het clas-
sikaal bestuur op de vraag naar dat examen niet wilde ingaan?
Voorgesteld werd om uit te gaan van de autonomie van de plaatselijke
kerk. Die zou voor het examen andere kerkeraden uitnodigen. Ook de
vraag wie het tractement zou garanderen als de gemeente in botsing
kwam met het kerkbestuur, werd besproken.
De kerkeraad van Kootwijk nodigde daarop verschillende nabijgele-
gen kerkeraden uit om op 9 oktober te Putten bijeen te komen. Daar
werd besloten om een examen buiten de besturen om te houden, indien
de afgevaardigden van tenminste twee andere, naburige kerken wilden
meewerken. Dat waren, zoals men kon verwachten, de kerken van dr.
Van den Bergh en ds. Vlug.
De drie kerken van Kootwijk, Voorthuizen en Nijkerk begaven zich,
terwille van de eerste VU-student, op een weg die moest leiden tot ver-
breking van het kerkverband. Zij benoemden een examencommissie van
veertien leden: zeven ouderlingen en zeven predikanten, uit de kerken
van Kootwijk, Voorthuizen, Nijkerk, Amsterdam, Rotterdam, 's-
Gravenhage, Bunschoten en de emeritus-predikant en directeur van het
gymnasium te Zetten. Het examen vond te Utrecht plaats op 20 novem-
ber. De Heraut noemde de namen van de commissieleden en deelde mee:
'Jongstleden Vrijdag is OP ONREGELMATIGE WIJZE, maar
met goed gevolg, kerkelijk examen afgelegd door den heer J.H.
Houtzagers, candidaat in de heilige godgeleerdheid.'
Het examen was onregelmatig, kerkelijk en geldig, schreef De Heraut.
Het officiële beroep volgde op 30 december. Houtzagers nam op 8 janu-
ari 1886 aan en op zondag 7 februari werd hij als predikant bevestigd.
Daarop verklaarde de synode de 28e februari, dat hij niet langer lid van
de Nederlandse Hervormde Kerk was.
Intussen kwam ook te Amsterdam het scheidingsproces op gang. De
kerkeraad daar verhinderde het afgeven van getuigschriften, die dienen
moesten om de leerlingen van de drie moderne predikanten aan te ne-
men als belijdende leden, zonder belijdenis te doen van het algemeen,
ongetwijfeld christelijk geloof.
Tegelijk maakte de kerkeraad een regeling om het kerkelijk bezit in
handen van de plaatselijke gemeente te houden. De kerkvoogden moes-
ten de kerkeraad blijven gehoorzamen, ook voor het geval de synode de
kerkeraad zou schorsen en de kerkeraad zich los zou maken van het sy-
nodale kerkverband.
147
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's