Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 270

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 270

De Vrije Universiteit van 1905 tot 1955, een halve eeuw geestesgeschiedenis van een civitas academica.

2 minuten leestijd

wortel ook van het wijsgeerig denken.' Hij zei het zo: 'Nie die

Openba-ring nie, maar die herbore hart word dus as grondslag van

die wysbegeerte gestel.' A. Kuyper had in zijn Encyclopaedie

evenals Dooyeweerd tweeërlei richting in de wetenschap verbonden

met de wedergeboorte. Het was toch niet de bedoeling van Hepp

om via Potgieter van zijn jongste kerkvader af te wijken! Wat van

A. Kuyper wilde Hepp canoniseren? bleef een vraag die Hepp niet

beantwoordde.

De Zuidafrikaan Potgieter werd in Philosophia Reformata door

de Amerikaan C. van Til, vlak voor de bezetting van Nederland,

beantwoord. Van Til merkte op dat Potgieter, bij gebrek aan

duidelijke uitspraken van Calvijn, vooral zijn promotor Hepp in

stelling had gebracht. Hij constateerde: 'Dr. Dooyeweerd's views are

constantly found to be mistaken to the extent that they do not

agree with those of Hepp.'

Met de kritiek van Dooyeweerd op A. Kuyper bevinden we ons

niet alleen in het centrum van het conflict aan de VU in die jaren,

maar ook in het midden van de eigen transcendentale filosofie en

antropologie van Dooyeweerd zelf. In het hart van zijn transcen-

dentale kritiek, met de drie transcendentale vragen naar de tijd, het

hart en Christus als wortel van de nieuwe mensheid, komen het

tijdsprobleem, het religieuze grondmotief en zijn opvatting over

Hchaam en ziel samen.

Door van lichaam in zijn volle, schriftuurlijke zin te spreken in

verbinding met een boventijdelijk hart, komt de vraag op, of bij

Dooyeweerd niet zelf een scholastische Ujn in zijn denken is

overgebleven, en wel op het snijpunt van zijn antropologie en zijn

tijdsleer. In Kuyper's Wetenschapsleer lezen we:

Juist daarom zoekt de W.d.W. de schriftuurlijke dichotomie van ziel en

lichaam niet in het tijdelijke, maar in de twee(-een)heid van het boven-

tijdelijk religieuze centrum of den wortel (het 'hart' of de 'ziel') en den

geheelen tijdelijken functie-mantel (het 'lichaam').

En in zijn artikel over Het Tijdsprobleem in de Wijsbegeerte der

Wetsidee verklaarde Dooyeweerd:

De tijdshorizon laat geen caesuur tusschen de modale aspecten toe, ook

geen dichotomie tusschen 'stoffelijk lichaam' en 'geestelijke ziel' in den

gangbaren metaphysischen zin.

264

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's

De Vrije Universiteit na Kuyper - pagina 270

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987

Publicaties VU-geschiedenis | 460 Pagina's