Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 40
hoewel 't me dikwijls veel kost om zoo goeden tijd aan mijn werk
er voor te ontstelen.'
Twee maanden later, half februari 1863, was Bram dagelijks met zijn
werk bezig. Hij schreef de werken van Laski over en corrigeerde druk-
proeven. Hij leefde van kleine studiebeurzen en het lesgeven en repete-
ren. Hij woonde thuis op een eigen studeerkamer. Zijn vader verdiende
fl. 1850,- per jaar voor een gezin bestaande uit zeven personen. De rege-
ring ging in februari daarop fl. 200,- bezuinigen. Ook was er toen in Lei-
den kerkelijke onenigheid, met de collecte voor de kerk als inzet. Een
proponent kon meestal met een salaris van fl. 800,- beginnen en dat be-
tekende armoe als de gemeenteleden niet royaal waren met aanvulling
in natura.
De vrienden van Bram hadden Leiden verlaten en vonden een eigen
pastorie. Zijn oudste zuster was met Jan Mond verloofd, een luthers
proponent en hulpprediker te Kampen. Zij hadden al lang met trouwen
gewacht, maar voor hij te Culemborg proefpreekte, gaf hij bloed op,
zodat meteen aan tuberculose werd gedacht.
Johanna Schaay werd op 8 maart al 22 jaar. Zij zag niet langer op
tegen het huwelijk en wilde graag trouwen. Haar vader was een zieke
man, die niet lang meer zou leven. Voortdurend was er een conflict tus-
sen haar vader en haar Bram. Zijn eigen vader noemde hem een animal
disputans en haar vader vond hem zonder meer een Jezuïet, omdat hij
hardnekkig met zijn verbaal geweld steeds het eigen gelijk afdwong.
Toen kwam er een vacature te Beesd met een tractement van fl. 2400,-.
Dat bericht trof Bram als een elektrische schok. Als hij daar kwam, zou
hij een hulpprediker kunnen betalen en zelf verder studeren. Hij had er
helaas geen relaties. Maar hij wist al dat de benoeming in handen was
van de Graaf van Bijlandt tot Mariesweerd, die er ook woonde.
Bram was begonnen engelse les aan zijn zus te geven met behulp van
een boek dat hij van Jo had gekregen. Om elf uur 's avonds kwam zijn
jongste zus, de zestienjarige Jeanette, uit bed, kleedde zich weer aan en
kwam dan bij haar broer op de kamer om samen de romantische bestsel-
ler The heir of Redelyffe van Charlotte Mary Younge te lezen. Hij dacht
aan het tractement te Beesd toen ze lazen: 'that want of wordly goods
withers so often man's hopes!' Armoede zou ook hem wanhopig ma-
ken. Beesd bracht hem in een 'noodlottige spanning'. Hij wilde letterlijk
'hemel en aarde' bewegen als hij daaraan dacht. Als hij Beesd niet
kreeg, zou hij wellicht diep ongelukkig het vertrouwen in God opzeg-
gen. Zijn werk, zijn roeping, zijn toekomst was met dit beroep naar
Beesd gemoeid.
Enkele dagen later had hij er via de invloedrijke ds. Van Iterson een
36
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's