Dr. Abraham Kuyper en de Vrije Universiteit - pagina 92
staande te bespreken. Zij hebben mij ook uitgenoodigd bij monde
van Poesiat. Toen kwam dadelijk de gedachte bij mij op: "Daar
zou ik U bij wenschen".'
De timmerman Bart Poesiat en de ontwikkelde metselaar Klaas Kater
werkten bij de bierbrouwerij De Gekroonde Valk, waarvan W. Hovy di-
recteur was. Zij behoorden tot de negen mannen die op 3 januari 1876
aan de Lindengracht te Amsterdam Patrimonium hebben opgericht.
Kuyper was daar niet bij en Kater moest hem twee jaar later schrijven:
'Draagt dan Dr. Kuyper volstrekt geene kennis van het Nederlandsch
Werklieden Verbond Patrimonium?'
Het decor van de ontstaansgeschiedenis van de VU kent nog een bij-
zonderheid.
Kuyper kende de zoon van de leidse professor Rutgers wel, maar on-
derhield geen contact met hem. Lohman deelde hem mee dat deze, dr.
F.L. Rutgers, op 29 juli 1877 predikant te 's-Hertogenbosch zou worden
en op 19 augustus dat Rutgers zeer goed beviel. Lohman nodigde Kuy-
per uit om te komen logeren, en zijn vrouw vond het erg jammer dat
hij toen niet kwam. Pas enkele weken later kon Lohman Kuyper en Rut-
gers bij elkaar brengen. Vanaf die ontmoeting dateerde een nauwe sa-
menwerking. Om te beginnen werd Rutgers vaste medewerker voor
kerkgeschiedenis, kerkrecht en buitenland van De Heraut, waarvan op
7 december 1877 het eerste nummer uitkwam.
De vier hoofdpersonen in de eerste jaren van de VU waren in de
kracht van hun leven. Alle vier lieten een geboortebericht in De Heraut
plaatsen. Op 16 december beviel C.C.H. Rutgers-Guye van een zoon en
19 december Vrouwe J.C. de Savornin Lohman-Ermerins. Op deze
familie-advertenties volgden twee andere. Op 13 februari daarop beviel
P.G. Hovy-Tutein Nolthenius 'ontijdig, nochtans voorspoedig' van
twee dochtertjes en 27 juni 1878 sloot J.H. Kuyper-Schaay deze rij met
het bericht van de bevalling van een zoontje. Dat was de zoon, die, zoals
eerder vermeld, naar Groen van Prinsterer Guillaume werd genoemd.
Het verhaal van het ontstaan van de VU begint met het beroep dat Kuy-
per half september 1877 uit Amsterdam ontving. Hovy bracht de be-
roepsbrief, en Poesiat en Kater behoorden tot de velen die hem vroegen
opnieuw hun predikant te willen worden.
Maar 14 oktober kwam het afwijzende antwoord, dat meteen ook (en
geheel ongebruikelijk) in De Standaard werd gepubliceerd. Hij bedank-
te om gezondheidsredenen en ook omdat de gemeente te groot, het werk
te zwaar en het salaris te gering was. De inwendige roeping des harten
ontbrak, meldde hij.
88
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1987
Publicaties VU-geschiedenis | 374 Pagina's