Vrij van kerk, staat en... verleden - pagina 102
Moet het bijzondere van de VU worden afgeschaft? Medewerkers en studenten van de Vrije Universiteit geven hun mening over zin/onzin van een bijzondere universiteit in de jaren negentig.
wetenschapsbeoefening en -toepassing te verbinden. In de praktijk wordt
daarom die doelstelling vrijwel onmiddellijk vertaald in afgeleide normen en
doelen, zoals christelijke cultuurkritiek, het belang van verantwoordelijk
handelen en bijdragen aan zelfontplooiing, de bevordering van de bezinning op
de samenhang der wetenschappen en de relatie tussen wetenschappelijke kennis
en andere wijzen van kennen, de samenwerking met andere christelijke
instellingen, etc.
Het expliciet religieuze karakter van de doelstelling komt maar heel weinig
aan de orde bij haar toepassing.
En het is heel begrijpelijk dat dat zo is. In feite is heel het hanteren van een
dergelijke grondslag of doelstelling een enigszins aangepaste erfenis van een
negentiende-eeiiwse denktrant waarbij men argumenteert en handelt vanuit
beginselen of principes. Met name Kuyper was daar sterk in. Zo kon hij het
eigene van de VU bepalen als een keuze voor gereformeerde beginselen. Met
die keuze was zijns inziens vastgelegd wat er concreet aan de VU al dan niet
moest worden gedaan. In geval van conflict beriep hij zich ook steeds op die
beginselen. Dat de argumentatie die leidde tot concrete beleidsbeslissingen, niet
altijd dwingend was, stoorde kennelijk niet. Het saamhorigheidsgevoel in het
gereformeerde cultuursegment vulde aan wat argumentatief gezien ontbrak.
Bovendien schrok men niet zo erg van afvallers.
Deze tijd is voorbij en zo duidelijk voorbij dat het tijd wordt ook de
restanten van destijds te vervangen. Het bijzondere van de VU hoort tot
uitdrukking te komen in specifiek universitaire doelstellingen.
1.2.2 Naar mijn waarneming worden intussen de normen en doelen waarin de
christelijke doelstelling van de VU wordt vertaald, ook inderdaad gehonoreerd,
zij het op relatief bescheiden schaal en niet eensluidend. Het betreft voorna-
melijk prioriteitskeuzen met betrekking tot bepaalde onderzoeksprojecten en toepas-
singen en de gerichte bevordering van bezinning met betrekking tot achtergrondsvragen
en effecten van wetenschapsbeoefening.
Deze activiteiten en voorkeuren zijn zonder meer belangrijk genoeg om voort
te zetten. Ze zijn mijns inziens ook een legitieme uitwerking van de specifieke
bijzondere pretentie van de VU.
Toch is er mijns inziens reden te vragen of wat er gebeurt genoeg is om de pretentie
te handhaven. Mijn antwoord daarop is: nee, het is nog niet genoeg. De kring van
hen die er bij betrokken zijn, is te klein en de activiteiten en voorkeuren waarom
het gaat, zijn voor uitbreiding vatbaar. Dit gebrek is er één dat met ambitie en durf
kan worden verholpen; althans, er kan aan gewerkt worden, wanneer de vastbeslo-
tenheid sterk genoeg is en de nodige middelen (mensen en faciliteiten) in voldoende
mate ter beschikking worden gesteld.
100
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's