Vrij van kerk, staat en... verleden - pagina 43
Moet het bijzondere van de VU worden afgeschaft? Medewerkers en studenten van de Vrije Universiteit geven hun mening over zin/onzin van een bijzondere universiteit in de jaren negentig.
wier discipline betrekkelijk weinig aanknopingspunten biedt, maar ook voor
alpha- en gamma-wetenschappers, voor wie in principe de mogelijkheden over
genoemde relatie iets te zeggen, veel groter zijn.
Mijn conclusie is, dat de doelstelling nauwelijks een inhoudelijke rol speelt
in het feitelijk (onderzoeks- en onderwijs-) product van de overgrote meerder-
heid der faculteiten. Voorzover de doelstelling functioneert, betreft dat de
motivatie waarmee aan dat product wordt gewerkt. Bovendien is het mogelijk
dat het feit dat de VU bij voorkeur christenen aanstelt, gevolgen heeft voor de
persoonlijke relaties (men herkent immers eikaars herkomst). Het heeft ook
gevolgen voor de betrokkenheid van veel personeelsleden bij de VU. De VU
komt voort uit een traditie waarmee men zich van huis uit verbonden voelt. De
disproportie die ik aan het begin constateerde, is er dus 'slechts' een die
betrekking heeft op de inhoud van het werk en hel feitelijk product dat daaruit
voortkomt.
Doorredenerend op deze conclusie kunnen we stellen dat het bij benoe-
mingen aandacht geven aan het criterium 'instemming met de doelstelling' in
feite ten dienste staat van hel handhaven van een bepaalde werksfeer en
persoonlijke betrokkenheid. Meestal komt het daarom neer op zoiets als het
besnuffelen van de nestgeur van de kandidaat. Op zichzelf is daar niets op
tegen is, als we ons er maar bewust van zijn.
2. De doelstelling als 'Privatsache'
Hoewel de huidige situatie dus heel begrijpelijk is en allerlei positieve kanten
heeft, is ze mijns inziens toch niet in alle opzichten bevredigend. Het kan
immers moeilijk worden volgehouden dat de doelstelling binnen onze universi-
teit wordt ervaren als (een belangrijk gegeven in) een gemeenschappelijke
onderneming. Eerder is het een zaak waar velen het om allerlei redenen moei-
lijk mee hebben, waarover men moeilijk met elkaar kan praten en die men
daarom maar liever uit de weg gaat. Er blijkt vaak zelfs een soort taboe-sfeer
om de doelstelling te bestaan. Het gaat tenslotte om iets wat voor velen een
private zaak is: de persoonlijke levensovertuiging. Anders dan vroeger maakt
die overtuiging geen deel meer uil van een aparte, gedeelde subcultuur. Het is
een persoonlijke zaak, waarover je publiekelijk niet spreekt. Bovendien is er
alle reden tol wantrouwen. De weinige keren dat de doelstelling ter sprake
komt, betreft het immers gelegenheden waarin belangen een rol spelen. Dat
geldt om te beginnen voor de benoemingsprocedure. Veel mensen stemmen in
omdat ze het allemaal wel goed vinden en bevreesd zijn dat niet-instemmen op
een of ander moment wel eens nadelig zou kunnen zijn voor hun positie binnen
de VU.
Dit geldt ook voor de momenten dat aanvragen voor het Universitair
Stimuleringsfonds worden gedaan (hoewel aan een dergelijk beroep op de
doelstelling - terecht - steeds stringenter eisen zijn gesteld), of situaties waarin
41
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's