Vrij van kerk, staat en... verleden - pagina 105
Moet het bijzondere van de VU worden afgeschaft? Medewerkers en studenten van de Vrije Universiteit geven hun mening over zin/onzin van een bijzondere universiteit in de jaren negentig.
Het bijzondere: een kwestie van geloofwaardigheid.
E.H. van Olst
Deze vraag roept ambivalente gevoelens op omdat, afhankelijk van wat onder het
'bijzondere' verstaan wordt, zowel een positieve als een negatieve beantwoording
mogelijk is. Wat is het "bijzondere' c.q. wat zou het kunnen zijn, en hoe wordt het
geoperationaliseerd? In de praktijk komt dit gegeven met name aan de orde bij
benoemingsprocedures wanneer de vraag wordt gesteld of betrokkene kan instemmen
met de doelstelling van de VU. Het wordt steeds moeilijker om 'instemmers' te vinden
en de dispensatieregeling moet steeds vaker worden toegepast. Er is weinig
verbeeldingskracht voor nodig om te bedenken dat op korte termijn instemming
eerder uitzondering dan regel zal zijn. En waar geen instemmers met het "bijzondere'
meer zijn zal dat 'bijzondere' vanzelf verdwijnen. Afschaffen is in dat geval niets
anders dan een erkenning van een bestaande toestand.
Toch is deze benadering weinig bevredigend omdat stilzwijgend uitgegaan wordt
van de veronderstelling dat er weinig of geen problemen waren toen er nog voldoende
'instemmers' beschikbaar waren. Dat is echter maar schijn.
Op de vraag van een afgewezen niet-instemmer na verloop van tijd in welk opzicht
de uitvoering van de taakstelling door de benoemde instemmer verschilde, op welke
wijze daarin de doelstelling zich manifesteerde, kon zelden een bevredigend antwoord
worden gegeven. Zeer veel instemmers waren afkerig van een programmatische
benadering. Het moest een persoonlijk gevoelen blijven, een herkenbare 'nestgeur'
die verder weinig repercussies diende te hebben. Alleen persoonlijke instemming
werd (en wordt) gevraagd. Gevolg was dat er nauwelijks een systematische bezinning
op gang is gekomen op de verhouding tussen levens en wereldbeschouwing, cultuur,
enerzijds en wetenschap anderzijds.
Niettemin moet gezegd worden dat hier fundamentele vragen aan de orde zijn, vragen
die in steeds bredere kring als urgent worden ervaren. Er is een toenemende
belangstelling in onze samenleving voor zingevingsvragen waar de wetenschap als
zodanig geen antwoord op heeft. Was in het verleden persoonlijke instemming al
een te smalle basis voor het op gang brengen van een systematische bezinning op
genoemde vragen, in de huidige situatie is er voor de individuele onderzoeker vrijwel
geen ruimte meer voor activiteiten buiten het voorwaardelijk gefinancierde onderzoek.
Bovendien heeft lang niet elke wetenschapper affiniteit met levensbeschouwelijke
en wijsgerige vragen.
Een en ander neemt niet weg dat, mede gezien het grote belang van genoemde vragen
in de huidige samenleving, van de VU verwacht mag worden dat zij als bijzondere
103
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's