Vrij van kerk, staat en... verleden - pagina 90
Moet het bijzondere van de VU worden afgeschaft? Medewerkers en studenten van de Vrije Universiteit geven hun mening over zin/onzin van een bijzondere universiteit in de jaren negentig.
levensbeschouwelijke vragen zin en belang hebben, ook als de traditionele
vormen hebben afgedaan. En ook ruimte bieden aan hen die, hoe aarzelend
ook, daar een weg in proberen te gaan, antwoorden proberen te formuleren die
de vragen nog zichtbaarder maken.
Wat dat betreft is het teleurstellend dat de bijzondere universiteiten, de VU,
de KUB en de KUN, niet betrokken waren bij een recent initiatief vanuit het
bedrijfsleven. Art Meets Science and Spirituality in a changing Economy:
kennelijk worden deze universiteiten door relatieve buitenstaanders niet gezien
als plekken waar iets spannends gebeurd. Misschien is dat trouwens ook wel te
waarderen; tenslotte is het ook een universiteit - een broedplaats van nuchtere
wetenschappelijke kritiek en niet van wollige luchtkastelen. Wat me bij de
andere kant van de wisselwerking brengt.
Levensbeschouwing in de context van wetenschap: de confrontatie met
wetenschap heeft ook gevolgen voor levensbeschouwelijke vragen en antwoor-
den. Die worden tegen het licht gehouden, bevraagd. Te denken valt aan
sociaal-wetenschappelijke bestudering van levensbeschouwingen - in gesprek
met de uitdagingen die sinds Nietzsche, Feuerbach, Marx en Freud op tafel
liggen. Het gaat ook om de inhoud van wat gezegd wordt over de mens en de
verdere werkelijkheid - valt dat te rijmen met datgene wat wetenschappelijk
ontdekt is? Grote vraag daarbij is ook de verhouding van denken, voelen,
willen en materie - hoe zit het daar mee. En ook mag het gaan om normatieve
reflectie op levensbeschouwingen - de houdbaarheid van wat beweerd wordt,
de ethische en esthetische kwaliteit.
3. Overal, ergens en nergens.
Mooie woorden, maar wat kan een universiteit hier mee? Niet zo heel veel,
lijkt me. Daarom zal ze ook in grote mate een gewone universiteit zijn, als alle
andere universiteiten in ons land. Maar misschien zijn er toch drie bescheiden
antwoorden op deze vraag te geven over de plek waar het bijzondere aandacht
zal krijgen: overal, ergens en nergens. Overal: we kunnen proberen bij al het
onderwijs en al het onderzoek deze vragen aan de orde te stellen, de gevoelig-
heid daarvoor vergroten. Dat kan te maken hebben met de keuze van onder-
werpen voor onderzoek, maar ook met de wijze waarop deze onrust zichtbaar
gemaakt wordt door de docent. Ergens: we kunnen speciale plekken maken
waar dat aan de orde komt - in onderzoek in allerlei faculteiten; in mijn
gezichtsveld denk ik dan aan de mogelijkheden van een vakgroep Algemene
Vorming bij de beta-faculteiten en aan het Bezinningscentrum. Nergens: als
het bijzondere al een vlag is die de lading niet dekt, als het al niet lukt om er
een invulling aan te geven, dan is het misschien toch nog een nuttige vlag -
omdat het schuldgevoel oproept. Dat houdt onrustig ten aanzien van het no-
nonsens bedrijf en ten aanzien van de al te eenvoudige beantwoording van
grote vragen.
88
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's