Vrij van kerk, staat en... verleden - pagina 79
Moet het bijzondere van de VU worden afgeschaft? Medewerkers en studenten van de Vrije Universiteit geven hun mening over zin/onzin van een bijzondere universiteit in de jaren negentig.
hypothetischcr te maken, meer bewust van de eigen grenzen.
Voor wat betreft de morele dimensie is er bijvoorbeeld te denken aan de rol
van wetenschap en universiteit in de samenleving. De betekenis van weten-
schap is zoals bekend enorm. Het lijkt wel of alles wetenschappelijk onder-
zocht, elk standpunt wetenschappelijk gelegitimeerd moet worden. Toch lijkt
het tezelfdertijd evident dat we niet altijd en niet in alle opzichten behoefte
hebben aan meer harde wetenschap en meer harde techniek. Eerder heeft de
wereld meer behoefte aan 'zachte' krachten. En dat betekent ook: behoefte aan
wetenschap met een oog voor onvervangbare esthetische en religieuze activi-
teiten en opvattingen. De samenleving raakt steeds meer aangewezen op
bestaande resten van ethische tradities, die vanuit eigen overtuiging het
vermogen hebben tot tolerantie en het streven naar begrip. En hoe je ook
wendt of keert, de godsdiensten en confessies zijn in het Westen de enige nog
steeds bestaande instituties waarbinnen men zich om zo te zeggen probeert te
oefenen in die 'zachte' krachten. De politieke ideologieën hebben die functie
verloren.
Tot slot: je kan zeggen dat er ook zoiets als een eschatologische dimensie aan
wetenschap hoort te zitten. Wetenschap is pas goed, wanneer ook de vraag
gesteld kan worden: waar dient dat nu in laatste instantie toe? Nu is het
duidelijk dat alle wetenschappen ergens om beoefend worden. Van veel
wetenschappen kun je zeggen dat ze uiteindelijk beoefend worden om natuur,
mens, samenleving te veranderen. Natuurwetenschappers willen dingen beheer-
sen, sociale wetenschappers hebben uiteindelijk de pretentie de gang van zaken
in de samenleving te beïnvloeden (ten goede natuurlijk). Het punt is nu echter
dat veel wetenschappelijk goede bedoelingen, op een globale schaal bekeken,
effecten hebben die juist het tegendeel zijn van wat bedoeld is. Een paar
algemeen bekende voorbeelden: de antropologen die met de bedoeling om een
andere cultuur te beschrijven zoals die is, meewerken aan het open leggen en
vernietigen van die cultuur; de genetische onderzoekers die werken aan de
bestrijding van een aantal afschuwelijke kwalen, maar daardoor steeds meer
risicogroepen gaan ontdekken (genenpaspoort) en zo meer het ongeluk dan het
geluk dreigen te gaan bevorderen; en het meest bekende algemene voorbeeld:
de medische ontdekkingen die bijdragen aan de bevolkingsexplosie.
Er is, zo zou je dus kunnen zeggen, in de wetenschap een dialectiek van
goede bedoelingen en slechte onbedoelde gevolgen. Ik denk, dat confrontatie
met geloof en godsdienst in dit verband belangrijk kan zijn. Met name omdat
geloof en godsdienst over iets uiteindelijks spreken, over iets wat alle weten-
schappelijke pogingen om zelf uiteindelijke oplossingen aan te bieden relati-
veert. Maar vooral ook omdat juist de reflectie binnen geloof en godsdienst
behulpzaam kan zijn bij het nadenken over die dialectiek. Want bij uitstek
geloof en godsdienst zijn (behoren te zijn) leerscholen voor omgang met vele
77
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991
Publicaties VU-geschiedenis | 116 Pagina's