Medische psychologie - pagina 166
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
164 Lindeboom
die waren onderzocht met behulp van gestandaardiseerde tests. Wil men bijvoorbeeld
iets te weten komen over de functie van de linker frontaalkwab, dan vergelijkt men het
gedrag van patiënten met links-frontale lesies met enerzijds dat van gezonde
controles en anderzijds patiënten bij wie andere hersendelen zijn beschadigd. In de
afgelopen decennia opnieuw is de top-down benadering echter opnieuw tot bloei
gekomen, dankzij het ontstaan van nieuwe stromingen zoals de neurolinguistiek en de
cognitieve neuropsychologie. Bij deze disciplines is veel van het oude associationisme
terug te vinden, zij het dat de schema's van onderling verbonden centra zijn
vervangen door 'box-and-arrow' modellen. De wijze waarop een functie ontregeld kan
raken is belangrijk voor de ontwikkeling van deze modellen, en de bestudering van
bijzondere gevallen neemt daarom ook hier een belangrijke plaats in. Een voorbeeld
hiervan is het onderzoek naar leesprocessen. Vermoed werd dat woorden normaliter
op twee manieren kunnen worden gelezen, enerzijds door ze om te zetten in klank
(fonologische route), anderzijds door een rechtstreeks begrip van het woordbeeld
(lexicale route). Bewijs hiervoor is te vinden in het feit dat er patiënten zijn die slechts
op één van beide manieren kunnen lezen; in het eerste geval blijkt het onmogelijk om
woorden te lezen die niet voldoen aan normale spellingsregels, in het tweede om niet
bestaande woorden te lezen. Uitvoerig onderzoek van patiënten met deze, en andere,
stoornissen hebben geholpen om de verschillende aspecten van het leesproces
verder in kaart te brengen.
Het semantisch geheugen
Een ondenwerp dat tegenwoordig volop in de belangstelling staat is het semantisch
geheugen. Deze term is ontleend aan een door Tulving^ voorgestelde tweedeling van
het lange-termijn geheugen. Enerzijds is dat het episodisch geheugen, waarin we -
aan tijd en plaats gebonden - persoonlijke herinneringen en ervaringen bewaren;
anderzijds het semantisch geheugen, waarin begripsmatige kennis is opgeslagen, los
van de context waarin het is geleerd. Het episodisch geheugen is te vergelijken met
een dagboek, het semantisch geheugen eerder met een encyclopedie. Lang niet al
deze kennis is noodzakelijk, en veel ervan kunnen we met een gerust hart in de
boekenkast bewaren. Niettemin is het semantisch geheugen tot op zekere hoogte
onontbeerlijk, want al ons denken is gebaseerd op onderscheiding, en we zouden
niets kunnen beginnen zonder een elementair stelsel van definities dat betekenis
verleent aan woorden en dingen. Ongetwijfeld wordt dit centrale gedeelte - het
zogenaamde Lexicon - vertegenwoordigd door een enorm neuronaal netwerk; over de
opbouw daarvan tasten we echter grotendeels in het duister.
Van een semantisch probleem is sprake wanneer iemand alledaagse woorden of
objecten niet kan thuisbrengen. Hierbij ligt de oorzaak veelal niet in een werkelijk
verlies van kennis, maar in een blokkering van toegangswegen naar het lexicon vanuit
de taal of waarneming. Bij de bovengenoemde patiënten met leesstoornissen kan een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's