Medische psychologie - pagina 174
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
172 Klein
alleen voor gezonden, maar ook voor personen die ooit eerder in hun leven hersenletsel
hebben opgelopen. Door de toegenomen levensverwachting en verbeterde medische
zorg valt op termijn te verwachten dat ook de invaliditeitsduur en de zorgbehoefte die
gerelateerd is aan de gevolgen van hersenletsel zal toenemen. Dit betekent dat ouderen
in de nabije toekomst een steeds groter beroep zullen gaan doen op de gezondheids-
zorgvoorzieningen. Mede om deze reden is het noodzakelijk om onderzoek te verrichten
naar de factoren die het normale verouderingsproces op nadelige w/ijze zouden kunnen
beïnvloeden. Hersenletsel is één van die factoren.
In het vervolg van dit hoofdstuk zal woorden ingegaan op de effecten van mild hersenletsel
bij oudere patiënten. Een belangrijke vraag hierbij is of hersenletsel het normale
cognitieve verouderingsproces zou kunnen versnellen. Indien dat het geval mocht blijken
te zijn dringt de vraag zich op of mild hersenletsel mogelijk een risicofactor vormt voor de
ziekte van Alzheimer, die in de beginstadia gekenmerkt wordt door cognitieve
stoornissen. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt een model gepresenteerd dat een
verklaring kan bieden voor het feit dat de ene oudere veel last lijkt te hebben van relatief
mild hersentrauma, terwijl de andere ongestoord van zijn of haar oude dag kan genieten.
Voordat ingegaan wordt op de theoretisch-wetenschappelijke kennis op dit gebied, zal
een patiënt worden beschreven die na eerder hersenletsel op een vroegere leeftijd dan
gebruikelijk Alzheimer-achtige symptomen heeft ontwikkeld. Dit om een indruk te geven
van hetgeen iemand door kan maken vanaf het moment dat hij of zij is getroffen door
hersenletsel.
De ziektegeschiedenis van de heer H.IVI.
Vijfjaar voor het huidige -tweede- neuropsychologisch onderzoek had de toen 62-jarige
H.M. een ongeval thuis in de schuur Tijdens het pakken van een zware kist die op een
hoogte stond van twee meter schoot één van de handvatten los. Bij de val die de kist
daarop maakte, raakte deze de voorkant van zijn hoofd en vervolgens de zijkant. Na het
ongeval is H.M. op eigen gelegenheid naar het ziekenhuis gereden, omdat hij zich toch
niet helemaal lekker voelde. De dienstdoende neuroloog op de eerste hulp vertelde H.M.
dat hij geluk had gehad omdat het ging om "mild" hersenletsel en dat hij met wat extra
nachtrust spoedig weer de oude zou zijn. Op de CT-scan die voor de zekerheid werd
gemaakt, werden frontale en links-temporale laesies gevonden. Echter onvoldoende
ernstig om een eventuele opname te rechtvaardigen.
In het halve jaar dat volgde bleef H.M. last houden van hoofdpijn, duizeligheid,
vermoeidheid en kon hij zich maar met moeite langdurig op zijn werk concentreren.
Bovendien was hij somber, prikkelbaar, schrikachtig en snel emotioneel geraakt. Omdat
zijn vrouw haar man veranderd vond en omdat hij zijn werk niet goed meer aankon, nam
zijn echtgenote contact op met de huisarts, waarna H.M. via de neuroloog naar de
klinisch neuropsycholoog werd ven/vezen met als vraag of er een oorzakelijk verband kon
worden aangetoond tussen de aard van de klachten en het ongeval. Bij navraag bleek
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's