Medische psychologie - pagina 191
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
Roken in het ziekenhuis 189
Mortaliteit, morbiditeit en de leeftijd van beginnen-met-roken
Er bestaat een positieve correlatie tussen de leeftijd waarop iemand begint met roken en
de vroegtijdige sterfte. Doll and Peto^ berekenden voor 55- tot 64-jarige mannen in de
Verenigde Staten het risico op longkankersterfte. Ze hielden rekening met de leeftijd
waarop iemand begon met roken en of het een zware (21-39 sigaretten per dag) of een
gemiddelde (10-20 sigaretten per dag) roker was. Voor de zware rokers, die begonnen
vóór hun vijftiende was het jaarlijks sterftecijfer driemaal hoger dan voor diegenen die na
hun vijfentwintigste startten. Gemiddelde rokers die vroeg begonnen hadden ongeveer
tweemaal zoveel kans om te overlijden dan diegenen die na hun vijfentwintigste
startten.^
De leeftijd waarop men begint met roken beïnvloedt de ontwikkeling van aan roken
gerelateerde ziekten. Als kind beginnen met roken vergroot niet alleen de kans op
longkanker en cardiovasculaire ziekten op latere leeftijd, maar op jonge leeftijd is vaak
al schade aan de longen meetbaar.^'^^'^^ Bauman en collegae^"'^^ suggereren dat
blootstelling aan tabaksrook (door henzelf of door hun ouders), tot een verminderde
zuurstoftoevoer naar de hersenen leidt en daardoor tot slechtere resultaten op cognitieve
testen. Al in 1968 vonden Holland en Elliotfin een studie met 10.000 13- en 14-jarigen,
dat roken leidde tot hoesten en slijm opgeven. Als de jongeren stopten met roken
verdwenen de symptomen. Uit een andere grote studie, met bijna 9.000 schoolkinderen
van 10 en 11 jaar, bleek dat bij kinderen die slechts één sigaret per week rookten, er al
een toename in slijmproductie waarneembaar was.'*' De Amerikaanse 'Surgeon General'
rapporteert^^ dat er 16 studies tussen 1965 en 1983 zijn gepubliceerd met aantoonbaar
negatieve effecten van roken op respiratoire symptomen en 11 studies tussen 1965 en
1981 met negatieve effecten op de longfunctie van jongeren. Deze negatieve effecten
en de beperkte resultaten van stoppen-met-rokenprogramma's hebben er toe geleid dat
met name psychologen zich gericht hebben op preventieprogramma's voor jongeren.^'"^
Het is duidelijk dat roken leidt tot directe en cumulatieve gezondheidsbedreigingen."'' Er
is echter ook goed nieuws voor rokers. Permanent stoppen met roken heeft wel degelijk
zin, ongeacht de leeftijd. Het risico om aan een hartziekte te overlijden wordt drastisch
gereduceerd: 1 jaar na het stoppen is het risico al gehalveerd. En 15 jaar na het stoppen
is het risico gelijk aan het risico van een nooit-roker.''^ Het risico om aan longkanker te
overlijden vermindert minder snel: 10 jaar na het stoppen is het risico ongeveer 30-50%
van het risico dat rokers lopen."^ Behalve preventie van rookgedrag kan ook stoppen met
roken een positieve bijdrage leveren aan de gezondheid.
Tabaksconsumptie
Na de Tweede Wereldoorlog was het tabaksgebruik vooral onder mannen wijdverbreid.
Eind jaren vijftig rookte 90% van de Nederlandse mannen. Het direct verband met
gevaren voor de gezondheid zoals dat in de beginjaren zestig werd aangetoond leidde
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's