Medische psychologie - pagina 131
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
Hemofilie in Nederland
A H M Triemstra
Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat over de gevolgen van hemofilie voor patiënten en hun partners Er
zijn in Nederland ongeveer 1 300 mannen met deze erfelijke aandoening die wordt
gekenmerkt door een tekort aan stollingsfactor VIII (hemofilie A) of factor IX (hemofilie
B) De gevolgen van hemofilie vormden het centrale onderwerp van vier landelijke
vragenlijstonderzoekingen in de penode 1972-1992 De resultaten laten zien dat de
fysieke en sociale situatie van mensen met hemofilie aanzienlijk is verbeterd dankzij
de toegenomen toepassingen van profylactische behandeling en thuisbehandeling De
levensverwachting van mensen met hemofilie is sinds de introductie van de moderne
hemofiliebehandeling ook gestaag toegenomen De sterftecijfers en gegevens over
het psychosociale welbevinden van patiënten en hun partners laten echter een
keerzijde van deze vooruitgang zien, namelijk de gevolgen van virusinfecties
Geschiedenis van een landelijl( onderzoek naar liemofiiie
De chronische aandoening hemofilie behoort inmiddels tot een van de best
gedocumenteerde erfelijke aandoeningen ^ Vier landelijke studies onder de noemer
'Hemofilie in Nederland' (kortweg HIN) hebben hieraan bijgedragen ^^
Het eerste onderzoek in 1972 werd onder leiding van de Leidse hoogleraar dr J J
Veltkamp en in samenwerking met de Nederlandse Vereniging van Hemofilie-
Patienten (NVHP) uitgevoerd In het nawoord van het betreffende onderzoeksverslag
werd destijds vermeld dat de verzamelde gegevens op zichzelf een beperkte waarde
hadden^, het belang van vervolgonderzoek werd benadrukt Herhaalde metingen
(bijvoorbeeld iedere 5 jaar) zouden de onderzoeksresultaten meer perspectief geven
Vervolgonderzoek vond tot nu toe ongeveer iedere 6 a 7 jaar plaats in 1978, 1985 en
1992
Met het onderzoek in 1992 konden de ontwikkelingen over een periode van 20 jaar
worden bestudeerd Dit vierde onderzoek (HIN-4), een promotie-project,^ werd
uitgevoerd vanuit de vakgroep medische psychologie van de Vrije Universiteit, in
samenwerking met het Academisch Ziekenhuis Leiden (afdelingen Klinische
Epidemiologie en Hemostase en Trombose) en de Nederlandse Vereniging van
Hemofilie-Patienten De betreffende werkgroep bestond uit de volgende leden prof
dr HM van der Ploeg (projectleider/ promotor), dr FR Rosendaal
(projectleider/copromotor), prof dr E Bnet (promotor), C Smit (consultant, NVHP) en
mw drs A H M Tnemstra (onderzoeker/AiO)
Het onderzoek bestond keer op keer uit een vragenlijst die aan zoveel mogelijk
mensen met hemofilie werd verstuurd Middels zelfrapportage werd gepoogd om een
zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de gevolgen van hemofilie De inhoud van
de vragenlijsten was met voor alle jaren gelijk, maar was onderhevig aan
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's