Medische psychologie - pagina 70
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
68 Kuiper
1. ontwikkeling (cross)genderidentiteit en (cross)genderrol
2. ontstaan wens behandeling te ondergaan
3. geschiedenis van omkleding
4. psychoseksuele ontwikkeling
5. lichaamsbeleving
6. psychisch functioneren
7. verwachtingen
Naast semi-gestructureerde klinische interviews (onder andere aan de hand van een
zeer uitvoeringe, zelfgeconstrueerde vragenlijst) en de afname van de biografie,
worden ten behoeve van de dataverzameling meerdere gestandaardiseerde
meetinstrumenten gehanteerd (onder andere Utrechtse Gender Schaal, Lichaams-
belevingschaal, Nederlandse verkorte MMPI (NVM), Symptom Check List-90 (SCL-
90), Dissociatievragenlijst, House-Tree-Person Test).
De diagnose 'transseksualiteit' kan, ondanks het ontbreken van 'harde' criteria, toch
met een redelijk aanvaardbare mate van zekerheid worden gesteld. Het genderteam
van het VU ziekenhuis hanteert op grond van de literatuur en de eigen klinische
ervaring onder andere de volgende richtlijnen bij de diagnose 'transseksualiteit':'
- er is sprake van extreme genderdysforie;
- de ervaren cross-genderidentitelt bestaat sinds de vroege kindertijd, is stabiel over
de tijd en onveranderbaar;
- er is sprake van atypisch genderrolgedrag in de kindertijd;
- omkledingsgedrag dateert van jonge leeftijd en heeft geen of nauwelijks erotische
betekenis;
- in seksuele fantasie is men iemand van het andere geslacht;
- primaire en secundaire geslachtskenmerken worden verafschuwd;
- de wens een geslachtsaanpassende behandeling te ondergaan bestaat minimaal 2
jaar, is duurzaam, niet stress-gerelateerd en is herhaaldelijk geuit.
Als de individuele diagnosticus de diagnose 'transseksualiteit' stelt, bestaat er in
principe een positieve indicatie tot de start met een geslachtsaanpassende
behandeling. Voordat iemand echter daadwerkelijk toestemming krijgt om met de
eerste behandelingsfase te beginnen, moet het gehele genderteam hiermee akkoord
gaan. Na een eerste overleg tussen de psychologen en psychiaters van het team,
wordt in een tweede (plenair) overleg de indicatie besproken met alle leden van het
team (waaronder internisten, chirurgen, verpleegkundige). Pas dan wordt een
definitieve beslissing genomen over de behandeling.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's