Medische psychologie - pagina 209
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
Medische psychologie in de l<inderl<liniel< 207
plaatsen eist. Als onderdeel van de vakgroep kindergeneeskunde wordt de kinder-
psychologie voor een evenredig deel aangeslagen. De bezuinigingsverplichting staat
haaks op de ontwikkeling naar een volwaardige academische kinderkliniek in het VU
ziekenhuis die door de late start in vergelijking met andere Nederlandse academische
kinderklinieken een achterstand heeft in te halen. Vooral de noodzakelijke groei van
de deelspecialismen wordt bedreigd. In deze zowel voor de vakgroep
kindergeneeskunde als voor ons uiterst spannende tijd nemen Vrije Universiteit,
medische faculteit en VU ziekenhuis het unieke en ingenieuze besluit om een afdeling
medische psychologie binnen het VU ziekenhuis op te richten onder leiding van prof.
dr. L.J. Menges, hoogleraar gedragswetenschappen van de medische faculteit. De
capaciteit van de afdeling kindergeneeskunde blijft daarmee onverlet en de
kinderpsychologische formatie kan worden behouden doordat de vakgroep
kindergeneeskunde zich een jaar lang financieel garant stelt voor het vooralsnog
bedreigde deel van de formatie. Terwijl de kinderpsychologen onder een nieuw dak
wonen wordt de samenwerking met de kinderartsen in de pediatrische patiëntenzorg
gecontinueerd en het in voorgaande jaren opgestarte wetenschappelijk onderzoek
voortgezet. Ook kunnen lopende therapieopleidingen ter eigen bijscholing worden
vervolgd.
Binnen de afdeling medische psychologie worden alle in het VU ziekenhuis werkzame
kinderpsychologen verenigd in de sectie kinderen. Hiermee wordt de aanwezige
psychologische kennis van pediatrische, kinderneurologische en audiologische
problematiek gebundeld en de intercollegiale samenwerking versterkt.
Recente ontwikkelingen: 1987 tot heden
De verandering van plaats in de organisatie van het ziekenhuis brengt desondanks
verschuivingen teweeg waarvan de impact pas gaandeweg duidelijker wordt. De tot
dan vanzelfsprekende verbondenheid met de medische afdelingen, zoals met de
vakgroep kindergeneeskunde vermindert met het wegvallen van het lidmaatschap en
de deelname aan bestuurlijke activiteiten.
Terwijl ik de noodzaak en de voordelen van een vak-eigen organisatie zeker zag, heb
ik het met dit verlies ook moeilijk gehad. Dit betrof vooral onzekerheid over de vraag of
de geïntegreerde zorg voor het lichamelijk zieke kind zou kunnen worden behouden.
Alle afdelingen en diensten die bij de interdisciplinare samenwerking waren betrokken
werden immers door bezuinigingen en prestatiedruk genoodzaakt hun prioriteiten en
werkwijze te herzien. De kwaliteit van de zorg staat inderdaad (tijdelijk?) onder druk.
Tevens moest worden afgewacht of binnen de afdeling medische psychologie de
identiteit van de medische kinderpsychologie even vanzelfsprekend zou worden
erkend als die van de psychologie van de lichamelijk zieke volwassene. Deze
onzekerheid is verdwenen met het volwaardig naast elkaar bestaan van de sectie
kinderen en de sectie volwassenen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's