Medische psychologie - pagina 158
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
156 Cohen
vóór het infarct het infarct mede veroorzal<en. Na het infarct is de patiënt er in ieder
geval zowel lichamelijk als psychisch zwakker aan toe. De belasting van onopgeloste
psychische problemen is verhoudingsgewijs groter geworden vanwege de
verminderde draagkracht van de patiënt. Was een patiënt eerder in staat om (op
afdoende wijze) om te gaan met zijn/haar psychologische conflicten, na een infarct
kan het voorkomen dat de balans verstoord raakt. Psychisch leed treedt dan meer op
de voorgrond.
Hieronder worden twee patiënten beschreven. Bij de heer E. was sprake van
psychische spanning vóór het infarct. We kunnen niet uitsluiten dat die spanning - op
nog onduidelijke wijze - heeft bijgedragen tot het ontwikkelen van de arteriële afsluiting
van het infarct. De tweede patiënt is een voorbeeld van een persoon met een
onopgelost probleem dat na het infarct zichtbaar werd.
Patiënt E.
De 58-jarige heer E. leefde al vele jaren onofficieel gescheiden van zijn echtgenote. Zij
gingen op amicale wijze met elkaar om en deelden de zorg voor hun 14-jarige zoon.
Bij mevrouw E. was enige tijd geleden een carcinoom ontdekt en de prognose was
ongunstig. De verwachting was dat zij nog tussen de drie en vijfjaar zou leven. De
heer E. was verliefd op een vrouw. Deze wilde dat hij met haar zou trouwen. De heer
E. wenste echter niet te scheiden van zijn vrouw nu zij ernstig ziek was. Hij wilde haar
zo goed mogelijk bijstaan en was van mening dat een scheiding haar zou bezeren. De
geliefde van de heer E. kon voor deze houding geen begrip opbrengen. De relatie
tussen hen raakte gespannen. Er was regelmatig ruzie. Toen de heer E. vasthield aan
zijn weigering te scheiden, verbrak zij de relatie. Hij trachtte haar terug te winnen,
maar zij wilde hem niet zien. Twee weken na het verbreken van de relatie kreeg de
heer E. een infarct. Het was een klein hartinfarct en de schade was betrekkelijk
gering.
Tijdens zijn opname was hij zeer emotioneel. De medisch psycholoog werd in consult
geroepen om de psychische toestand van patiënt te beoordelen. De heer E. gaf
duidelijk aan dat hij het verlies van zijn minnares niet kon verdragen. Op momenten
huilde hij als een klein kind. Met de patiënt werd een poliklinische begeleiding
afgesproken, die gericht was op het omgaan met de pijnlijke emotionele situatie. De
heer E. bleef diep gegriefd. Zijn liefde voor de vrouw die hem verstoten had, bleef
overeind. Hij deed veel pogingen met haar in contact te treden, maar daar ging zij niet
op in. In de loop van de begeleiding kon patiënt de pijn beter verdragen en de
begeleiding werd beëindigd.
De medisch psycholoog had geen verder contact met patiënt tot op een zekere dag,
ongeveer drie jaar later. De psycholoog liep door de gang van de afdeling waar
patiënten liggen die hartchirurgie ondergaan hebben. Zijn oog viel op de naam van
patiënt, op één van de bordjes bij een zaalingang. De psycholoog betrad de zaal en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's