Medische psychologie - pagina 63
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
Spuit- en prikangst bij diabetespatiënten 61
diabetes, gemiddeld 14.2 jaar bekend met diabetes en 10.2 jaar insuline gebruikend.
Daarnaast werd de D-SPAV voorgelegd aan vier patiënten die naar de afdeling
medische psychologie van het VU ziekenhuis waren venwezen voor spuit- en/of
prikangst.
Scoreverdeling
Zoals te verwachten viel, was er sprake van een zeer scheve scoreverdeling; het
merendeel van de populatie verkreeg de minimumscore (respectievelijk 62% Spuit-
Angstschaal en 57% Prik-Angstschaal). In totaal scoorden 18 patiënten boven het 95e
percentiel op spuitangst en/of prikangst, waarvan 7 hoog scoorden op beide
subschalen. Er werden geen significante scoreverschillen gevonden tussen mannen
en vrouwen. Type 1 patiënten scoorden significant hoger op prikangst en op angst
voor hypoglycaemie. Leeftijd en duur van de diabetes bleken negatief gecorreleerd
met de hoogte van spuitangst.
Betrouwbaarheid en validiteit
De interne consistentie van de vragenlijst blijkt hoog te zijn; Cronbachs a van de
D-SPAV als totaal en van de twee subschalen zijn alle boven .90. De convergerende
validiteit wordt ondersteund door de relatief sterke correlatie tussen de D-SPAV en de
angstdispositle-schaal (ZBV), namelijk .48 (Spearman's rho). Zoals hiervoor
aangegeven zijn de gegeven scoreverdelingen conform de verwachting, en
bevestigen hiermee de constructvaliditeit.
Naast de steekproef verkregen via DVN en ATAL, werd de D-SPAV ook aangeboden
aan vier patiënten die naar de afdeling medische psychologie waren verwezen
vanwege (ernstige) spuitangst. Allen scoorden boven het 95ste percentiel op de Spuit-
Angstschaal, en 3 van de 4 boven het 95ste percentiel op de Prik-Angstschaal. Deze
bevinding ondersteunt de discriminatieve validiteit. Er werden geen significante
associaties gevonden tussen Spuit-Angstschaal-scores en (zelf-gerapporteerde)
aantal injecties per dag, noch tussen de Prik-Angstschaal-scores en het aantal malen
dat men rapporteerde de bloedglucose te controleren. Zelf-gerapporteerde pijnlijkheid
van spuiten en pijnlijkheid bij het bloedprikken bleken significant samen te hangen met
de respectievelijk subschaalscores (.30 de Spuit-Angstschaal; .42 Prik-Angstschaal).
Van de 13 patiënten die hoog scoorden op de Spuit-Angstschaal, gaven twee aan dat
zij niet (altijd) zichzelf injecteerden; van de 14 hoogscoorders op Prik-Angstschaal
rapporteerden vier niet (altijd) hun bloedglucose te controleren.
Samenvattend kan geconcludeerd worden dat de resultaten van dit vooronderzoek
ondersteuning geven aan de validiteit en betrouwbaarheid van de DSPAV. De
vragenlijst lijkt goed bruikbaar als instrument om de mate van angst voor spulten en
^ ^ ^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's