Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 84
Het bijzondere van de Vrije Universiteit
72 S. GRIFFIOEN
de diepste tegenspraak die we om ons heen en in het eigen leven
ervaren, die tussen geloof en ongeloof, plaats maken voor een gedeelde
erkenning van de ene waarheid? In zoverre is het zoeken naar con-
sensus volstrekt legitiem.
(ii) Bevestigend, want de overwinning van de waarheid is niet bin-
nenwereldlij k. Verzoening daagt pas aan gene zijde van Gods oordeel
over de leugen. De 'katholiciteit' die het consensus-denken naar zich toe
trekt en gebruikt om het eigen standpunt breed te maken," staat niet ons
ter beschikking, maar komt van Gods zijde. Zolang de christen het besef
levend houdt dat de overwinning van de waarheid van gene zijde moet
komen,''^ kan hij in het hier en nu de dissensus openhouden. In zoverre
zal hij in het postmodernisme iets herkennen dat boven het modieuze
uitreikt.
Uitwerking
Een levens- en wereldbeschouwing vraagt dus om uitwerking. Aan de
VU gebeurde dat dan ook. Terugblikkend kan men vaststellen dat de
visie op de ontwikkeling van de wetenschap te simpel is geweest.'^ Kuy-
per en de zijnen lieten zich leiden door de gedachte dat de wetenschap-
pen zich organisch vanuit wereldbeschouwelijke kernen ontwikkelen.
Aan de VU moesten de 'gereformeerde beginselen' als kiemcellen
dienen. Pas door het werk van D.H.Th. Vollenhoven (1892-1978) en
Dooyeweerd (1894-1977), de grondleggers van een christelijke wijsbe-
geerte, die beiden in de tweede helft van twintiger jaren als hoogleraar
aantraden, werd duidelijk dat hier een principieel onderscheid tussen
richting en structuur moet worden ingevoerd. De structuur van de weten-
schappen laat zich niet afleiden uit levensbeschouwelijke vooronderstel-
lingen; het is niet zo dat de beginselen heel het bouwplan van de weten-
schappen in de kiem bevatten. Weliswaar bepalen grondprincipes de
richting waarin de structuur-ontsluiting plaatsvindt, en is hun rol sturend
genoeg om van een verband tussen levensbeschouwing en wetenschap
te mogen spreken, bijv. in de zin van 'christelijke wetenschap', maar dit
alles laat onverlet dat hetgeen gestuurd wordt, de zich ontwikkelende
wetenschap, altijd ook eigen structuurwetten gehoorzaamt.
De organische metaforen die in de werken van Kuyper welig tieren,
moesten wel tot een versimpelde kijk leiden. Wolterstorff typeert deze in
zijn kritiek op de VU-traditie als 'two kinds of people, hence two kinds of
science': de scheidslijn die de vooronderstelling verdeelt in christelijke
en niet-christelijke ('two kinds of people') werd eenvoudig doorgetrokken
naar de wetenschappen ('two kinds of science').'"* We kunnen de kritiek
van Wolterstorff op wat hij omschrijft als een religieus totalisme bijvallen,
zonder evenwel te concluderen dat dus de tijd voor een omvattende
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's