Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 136
Het bijzondere van de Vrije Universiteit
124 S. STRIJBOS
in het geheel van samenleving en cultuur, sedert de jaren tachtig zijn in
toenemende mate vragen van ethiek in het brandpunt van de belang-
stelling komen te staan. Tot op zekere hoogte was deze ontwikkeling niet
geheel onverwachts. Bij een analyse van de betrekkingen tussen weten-
schap, techniek en samenleving rijzen er immers normatieve vragen en
komen we als vanzelf ook terecht bij vragen van ethiek.
(1) Allereerst is er de zoeven gereleveerde idee van de autonomie van
de machten en de ermee corresponderende opvatting van technologisch
determinisme. Zoals gezegd, valt het moeilijk in te zien hoe de autono-
mie-idee te verenigen is met een ethiek die werkelijk een kritische en
sturende positie kan innemen. Strikt genomen heeft het zelfs geen zin
meer om nog een woord aan ethiek vuil te maken. Een meer gematigde
opvatting van autonomie is daarom gebruikelijker. In allerlei discussies
en publicaties wordt de ethische problematiek van de technische samen-
leving heel vaak dan zo uitgelegd dat een onafgebroken stroom van
nieuwe mogelijkheden ons telkens weer plaatst voor nieuwe vragen. En
het probleem hiermee is dat de ethische reflectie eenvoudigweg het
tempo van de ontwikkelingen niet kan bijhouden. In plaats van richting
te kunnen verlenen aan de dynamiek van wetenschap en techniek,
worden ethiek en samenleving zo telkens geplaatst voor zaken die zich al
lang en breed achter hun rug om hebben voltrokken. De ethiek holt zo
voortdurend achter de feiten aan als een wat machteloze figuur, die niet
veel meer kan doen dan zich aan te passen bij de inmiddels gewijzigde
omstandigheden. Dit beeld van de ethiek is bijvoorbeeld heel herkenbaar
voor de geneeskunde. Pas als de ontwikkelingen er zijn, en ook niet
meer te keren zijn, komt de ethiek aan bod.
(2) Een tweede fundamentele kwestie is het morele pluralisme en
relativisme in ons hoogtechnologische tijdperk. Juist nu we zo dringend
behoefte hebben aan een doorbreking van het imperialisme van weten-
schap en techniek en we zouden moeten weten waar we gemeenschap-
pelijk voor staan, wordt door velen de pluralisering van de moraal met
verve verdedigd (zie bijvoorbeeld Dupuis en Thung 1983, 43 e.v.). Men
verwacht van die pluralisering niet minder dan de bevrijding van de
enkeling die door de machten dreigt te worden gekneveld. Wat zulke
cultuurbeschouwers evenwel ontgaat, is dat een dergelijk pleidooi moei-
lijk te verenigen valt met de ook door hen gewenste pogingen om de
invloed van de techniek op mens en samenleving kritisch te toetsen.
Terwijl de moderne wetenschappelijk-technische wereld vraagt om een
omvattend normatief perspectief, zijn de tegenkrachten tegen de sterke
drang en dwang van de techniek door een pluralistische ethiek
ondermijnd (Strijbos 1995, 159).
Geheel machteloos zijn we dan weliswaar nog niet, zoals blijkt uit
allerlei vormen van Greenpeace-achtig verzet tegen bepaalde ontwikke-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's