Medische psychologie - pagina 92
10 jaar samenwerken in het VU-ziekenhuis. Jubileumboek ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van de afdeling/vakgroep medische psychologie.
90 Aaronson
Naast deze twee kernpunten zijn er nog tal van andere zaken die een rol kunnen spelen
bij het bestuderen van specifieke groepen patiënten. Het beeld dat iemand van z'n eigen
lichaam heeft kan van bijzonder belang zijn bij onderzoek bij patiënten met borstkanker,
hoofd-/halskanker en andere soorten kanker waarbij de behandeling vaak bestaat uit
verminkende operaties. Het seksueel functioneren kan een rol spelen bij gynaecologische
en urologische vormen van kanker. Cognitief functioneren kan een belangrijk
aandachtspunt zijn bij studies naar kanker bij kinderen of bij volwassenen met
hersentumoren. De combinatie van kwaliteit van leven-aspecten die in een bepaalde
studie gemeten wordt is uiteindelijk afhankelijk van de patiëntengroep die wordt
bestudeerd, van de toegepaste behandelingen en van de specifieke onderzoeksvragen
(is men bijvoorbeeld geïnteresseerd in korte- of lange-termijneffecten).
Ik wil graag benadrukken dat een dergelijke, simpele taxonomie van kwaliteit van leven
wellicht nuttig is om een gemeenschappelijke taal te ontwikkelen, rpaar in theoretisch
opzicht te kort schiet. In feite is het gebrek aan theorievorming een van de
problematische kanten van het kwaliteit van leven-onderzoek. Moeten de afzonderlijke
domeinen van kwaliteit van leven worden gezien als relatief onafhankelijk van elkaar of
beïnvloeden ze elkaar juist op een te voorspellen manier? Moeten we aannemen dat alle
domeinen een gelijke bijdrage leveren aan de algehele kwaliteit van leven of moet er met
een systeem worden gewerkt waarbij verschillende gewichten worden toegekend"?
Varieert het relatieve belang van elk domein op een te voorspellen manier al naar gelang
leeftijd en geslacht van de patiënt of is er een verband met het stadium van de ziekte of
de fase van de behandeling? Zijn er belangrijke culturele verschillen in de betekenis en
het relatieve belang van de verschillende domeinen van kwaliteit van leven? Hoe zit het
met het vermogen van patiënten om hun ziekte het hoofd te bieden en wat is de plaats
van het sociale netwerk van de patiënt? Dit zijn allemaal zinvolle vragen waar tot nu toe
betrekkelijk weinig aandacht aan is besteed.
Hoe moet kwaliteit van leven worden gemeten?
De erkenning van de noodzaak dat moet worden uitgegaan van de patiënt zelf om zaken
als functioneren en klachten te beoordelen is, ironisch genoeg, een van de grootste
barrières geweest voor het opnemen van kwaliteit van leven-metingen in klinisch-
oncologische studies. Clinici willen nog wel eens wantrouwend staan tegenover dergelijke
subjectieve metingen en stellen ze op één lijn met "softe" wetenschap. Er is de afgelopen
10 jaar dan ook veel moeite gedaan om dit wantrouwen weg te nemen en aan te tonen
dat het mogelijk is om kwaliteit van leven-vragenlijsten te ontwikkelen die voldoen aan de
strenge wetenschappelijke normen die worden toegepast op de meer objectieve
uitkomstmaten zoals tumorrespons.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 324 Pagina's