Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 124
Het bijzondere van de Vrije Universiteit
112 C. VAN D E R K O O I
een bovenpersoonlijke en geestelijke realiteit die in de geschiedenis van
Jezus Christus zichtbaar zijn geworden.
(6) In het licht van de belijdenis van het schepper zijn van God wordt
van allerlei waarneembaar over de mens. De erkenning van God als
schepper betekent tegelijkertijd dat van de mens gezegd wordt dat hij
niet de eerste is, maar de tweede. Constitutief voor de mens is zijn samen-
zijn met God en de nodiging tot aanhankelijkheid. De mens kan uit dit
samen-zijn met God weglopen, kan zich ertegen keren, maar dit is nu
veeleer identificeerbaar als zonde en vervreemding.
Het samen-zijn als grondstructuur voor de mens heeft antropologische
consequenties en werpt een zeer bepaald licht op het ideaal van de
menselijke autonomie. Men kan stellen dat de antropologische wending
in de filosofie bij Descartes staat voor een bredere ontwikkeling, waarin
het 'ik denk' langzamerhand verbreed is tot een 'ik maak'. De zekerheid
die Descartes aan het denkend ik verschaft in de weg der methodische
twijfel vinden we weer terug in een aantal maatschappelijke gebieden
die tot de 'going concerns' van onze samenleving gerekend mogen
worden. Economie, natuurwetenschap en techniek trekken de aandacht
vanwege het 'succes' dat ze ontegenzeggelijk hebben. Ze representeren
als mythische grootheden de zekerheid en de maakbaarheid die er voor
het menselijk ik mogelijk is. In de christelijke leer ligt een belangrijke
correctie besloten op dit uitgangspunt in het denkende en producerende
ik. Het eerste in de schepping en in de genade is niet dat de mens zelf
handelt en zin sticht, maar dat hij ontvangt en zin vindt. In het licht van
de bijbelse openbaring kan de verhouding tussen ontvangen en maken
opnieuw worden bepaald en wel op een wijze waarbij de mens meer tot
zijn recht komt. Ik waag het te stellen dat deze noties vanuit de christe-
lijke leer een kwalificerende functie kunnen krijgen binnen het geheel
van kennis dat economie, sociologie, psychologie en recht omsluit. Mis-
schien helpen ze zelfs om mechanismen en verhoudingen te ontdekken
die men eerder niet zag of onvoldoende waarnam.
(7) De erkenning van de absolute prioriteit van God en het samen-zijn
met de ander als constitutief principe voor het mens-zijn leidt vervolgens
tot het waarnemen van heilzame grenzen. Het feit dat de mens voor zijn
welzijn aangewezen is op anderen is dan niet langer identificeerbaar als
een teken van zwakte. Teken van zwakte zijn behoefte en verlangen
slechts wanneer men het ideaal van autonomie en autarkie als maatstaf
hanteert. Wat op biologisch niveau misschien uitgelegd kan worden als
een teken van grote kwetsbaarheid en in de strijd tot overleven als een
potentiƫle zwakte, verschijnt in het licht van wezenlijke bijbelse noties
over het mens-zijn eerder als een ontologisch plus. Behoefte, verlangen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's