Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 118

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 118

Het bijzondere van de Vrije Universiteit

3 minuten leestijd

106 C. VAN D E R K O O I

mededeling van waarheden. Ook is openbaring niet zonder meer te

omschrijven als mededeling van leven. Openbaring wordt in deze

geschiedenis positief waarneembaar als een beweging waarin God de

mens nabijkomt. Tegelijkertijd is in het werkwoord 'komen' uitgedrukt

dat het subject van dit komen niet gefixeerd kan worden. Hij die komt en

die zich in dit komen laat kennen, wordt niet volledig onthuld. In deze

ervaring ontwaart Petrus de heiligheid van de heerlijkheid Gods.

Anders gezegd, in het komen van God tot de mens wordt de diepte van

Gods heiligheid niet opgeheven, maar juist onthuld. Hij is onttrokken

aan elke menselijke greep.

Een tweede moment is dat in dit komen ook iets met de mens gebeurt.

Er treedt een verstoring op van wat normaal is. Normaal is dat er overdag

in diep water geen vis te vangen is. Daarmee is Petrus bekend en daar-

mee weet hij om te gaan. Maar in het woord van Jezus en de overweldi-

gende vangst treedt hem iets tegemoet dat hem niet bekend is en

waarmee hij niet kan omgaan. Hij raakt van zijn stuk. De waarneming

van de majesteit Gods brengt bij Petrus een nieuwe zelfkwalificatie tot

stand. In het licht van dit gebeuren weet hij zich gekwalificeerd als een

zondig mens. Waar de heiligheid van God onthuld wordt, wordt in

dezelfde beweging het verschil tussen God en mens en de onheiligheid

van de mens onthuld. Van die feitelijke distantie getuigen dan ook de

woorden: "Ga uit van mij".

De laatste scene in het bedrijf is beslissend. De erkenning van de afstand

tussen God en mens, de erkenning van de onvanzelfsprekendheid van

hun verhouding en het buigen onder het oordeel dat zich in de ont-

moeting voltrekt, is niet het laatste. De majesteit van God heeft niet als

effect dat God nu voortaan enkel in oneindige verte verdwijnt. Het

komen van God blijkt ten dienste te staan van zending en roeping. De

afstand die een implicatie is van Gods openbaring, wordt nog eens

doorbroken door een woord en bevel waardoor Jezus Petrus aanspreekt en

hem weer naar zich toetrekt: "Wees niet bevreesd, van nu aan zult gij

mensen vangen." (vs 1) In het woord "wees niet bevreesd", geeft Jezus

aan Petrus als het ware weer een plaats of plek in zijn nabijheid, een huis

om te wonen. Daarmee preludeert deze geschiedenis op de geschiedenis

van kruis en opstanding. De vervreemding, de afstand zijn in Gods

oordeel niet het laatste. Ergens vindt een omkering plaats. God handelt zo

dat Hij de mens betrekt in een nieuwe levensgemeenschap. Geloof is

zich door het woord, dat die gemeenschap sticht, laten gezeggen. En wie

zich door dit woord laat gezeggen, is daarmee al een onderdeel gewor-

den van de beweging van God uit naar de wereld, van de 'missio Dei'.

Deze geschiedenis spreekt van het komen Gods tot de wereld, en hoe

mensen in dit komen, huns ondanks, in dienst worden genomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's

Vinden en zoeken: het bijzondere van de Vrije Universiteit - pagina 118

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 196 Pagina's